Terug naar de krant

Bashar al-Assad: brute dictator vol geldingsdrang die Syrië verschroeide

profiel
Bashar al-Assad Bijna veertien jaar nadat Syriërs tegen hem in opstand kwamen, is Bashar al-Assad ten val gebracht. Tijdens de verwoestende oorlog die hij liet ontbranden, streefde hij zelfs zijn moordlustige vader voorbij in wreedheid.
Leeslijst

Hij zette chemische wapens in tegen zijn eigen volk. Hij liet zijn tegenstanders de dood in martelen. Hij bombardeerde scholen en ziekenhuizen. En hij deed een vreedzame opstand tegen zijn regime moedwillig ontaarden in een oorlog die een land verwoestte, meer dan 12 miljoen mensen op de vlucht joeg en aan honderdduizenden mensen het leven kostte.

Maar nu, bijna veertien jaar nadat Syriërs in de lente van 2011 de moed bijeen raapten om tegen hem in opstand te komen, is het einde daar. Bashar al-Assad, de beul van Syrië, is ten val gebracht.

Assad zou zijn gevlucht naar Moskou, melden persbureaus zondagavond. Ondertussen nemen rebellen de hoofdstad Damascus in nadat regimetroepen er de wapens zonder veel strijd hebben neergelegd. Door heel het land worden standbeelden van leden van de Assad-familie omver geworpen, vliegen de deuren van martelgevangenissen open en gaan Syriërs feestend de straat op. Na een rebellenoffensief van elf dagen lijkt er een einde te komen aan een ruim vijftig jaar oud regime.

Lees ook
Na het feest om de val van Assad wacht Syrië grote onzekerheid over hun nieuwe machthebbers
Syrische rebellen vieren de val van het Assad-regime in Damascus.

Dat regime werd opgericht door Bashar’s vader, Hafez al-Assad, die na een reeks staatsgrepen in 1971 alle macht naar zich toetrok. De Assad-familie behoort tot de historisch gemarginaliseerde Alawitische minderheid en Hafez zorgde er dan ook voor dat vrijwel alle officieren in zijn almachtige veiligheidsdiensten (de beruchte mukhabarat) Alawieten waren. In korte tijd richtte hij een politiestaat in waarin de muren oren hadden en tegenstanders verdwenen in martelgevangenissen. Wie in opstand kwam, bekocht het met de dood, zo bleek wel toen Hafez in 1982 tienduizenden mensen uitmoordde in het zogeheten bloedbad van Hama.

De Syrische president Hafez al-Assad in 1974 in Damascus met drie van zijn kinderen, Busra, Majd en Bashar.
Foto Gamma

Oogarts

Zoon Bashar was toen zestien. De verlegen en sociaal onhandige tiener stond in de schaduw van zijn vader en dominante broers. Na een studie medicijnen vertrok hij begin jaren negentig naar Londen, waar hij aan de slag ging als oogarts en zijn toekomstige vrouw Asma ontmoette. Politieke ambities had Bashar destijds niet, iedereen in de familie wist immers dat zijn oudere macho-broer en vaders lievelingszoon Bassel het stokje van Hafez zou overnemen.

Maar toen Bassel in 1994 omkwam bij een auto-ongeluk, haalde Hafez zijn tweede zoon terug naar Syrië om hem het leger in te sturen en klaar te stomen voor de opvolging. In 2000 was het zover: Hafez overleed en de 34-jarige Bashar werd president van Syrië. Binnen het regime waren de verwachtingen laag. Was Bassel nog maar in leven, dacht iedereen. Bashar kwam dan ook aan de macht met een enorme geldingsdrang die zijn brute bewind mede gevormd heeft.

Assad deed zich naar het Westen voor als een type met wie je zaken kon doen

Aanvankelijk probeerde de nieuwe president Assad zich op te werpen als hervormer. Direct na zijn aantreden in 2000 begon de zogeheten Lente van Damascus, een korte periode waarin dissidenten ruimte kregen te praten over politieke verandering. Het was van korte duur: de lente sloeg snel om in winter en de dissidenten verdwenen zoals vanouds in martelgevangenissen.

Beoogd president Bashar al-Assad (midden) brengt op 10 juli 2000 zijn stem uit in de Syrische hoofdstad Damascus. Hij was de enige kandidaat om zijn vader Hafez al-Assad op te volgen.
Foto EPA

De liberalisering die Assad zei voor te staan, bleek enkel economisch van aard. Zo brak hij veel overheidsdiensten op met vergaande privatiseringen en andere neoliberale hervormingen. Dit deed de economische ongelijkheid in Syrië razendsnel toenemen en zorgde voor de opkomst van een nieuwe zakenelite rondom het paleis die nog meer dan eerst uitblonk in corruptie en zelfverrijking. De grote onvrede hierover zou bijdragen aan de opstand van 2011.

Echtgenote zonder hoofddoek

Ondertussen deed Assad zich naar het Westen voor als een type met wie je zaken kon doen: seculier, economisch liberaal en bovendien vergezeld door een knappe echtgenote zonder hoofddoek en met Brits accent. Maar op de achtergrond ging Assad ook tegen westerse belangen in. Zo liet hij na de Amerikaanse invasie van Irak tal van jonge geradicaliseerde Syriërs naar het buurland afreizen om tegen de VS te vechten. Eén van hen is de voormalige al-Qaida-strijder en huidige rebellenleider wiens bliksemoffensief Assad nu ten val heeft gebracht: Abu Mohammed al-Jolani.

De Syrische president Bashar al-Assad met zijn vrouw Asma al-Assad bij aankomst voor een bezoek aan India in New Delhi, 20 april 2012.
De Syrische president Bashar al-Assad en zijn vrouw Asma (midden) worden verwelkomd door de Tunesische president Zine El-Abidine Ben Ali (rechts) en First Lady Leila (links) in Carthago, Tunesië, op 13 juli 2010.
Foto AFP
President Bashar al-Assad en zijn vrouw Asma arriveren op 14 juli 2008 bij het Élysée-paleis in Parijs.
Foto Dominique Faget/ AFP

Toen in maart 2011 de zogenaamde Arabische lente Syrië bereikte en honderdduizenden mensen de straat op gingen om de val van het regime te eisen, voelde Assad de schaduw van zijn overleden vader en oudste broer weer over zich heen trekken. Hij moest en zou laten zien dat hij net zo hard kon zijn als zij en besloot, tegen het advies van sommige figuren binnen het regime in, om grootscheeps geweld tegen de opstandelingen te gebruiken en zo een militair conflict uit te lokken.

In de oorlog die volgde streefde Bashar zelfs zijn moordlustige vader voorbij in wreedheid. Hij zette meermaals chemische wapens in tegen burgers, voerde etnische zuiveringen uit in met name soennitische burgerwijken, nodigde de Russen en Iraniërs uit om hem te helpen Syrische steden plat te bombarderen en liet meer dan honderdduizend mensen wegkwijnen in de beruchte martelgevangenissen.

Lees ook
Op video: in een massagraf geduwd en doodgeschoten door Assads mannen
Deze stills uit de video in handen van NRC en onderzocht door het NIOD tonen de laatste momenten van de bejaarde man. Hij valt in het massagraf en wordt daar geëxecuteerd.

Ondertussen wakkerde Assad doelbewust sektarische spanningen aan en liet zijn regime prominente jihadisten vrij uit de gevangenis. Daarmee droeg het regime bij aan de radicalisering van het strijdtoneel en de opkomst van groeperingen als Islamitische Staat. Dat was niet zonder reden: Assad wist dat de aandacht in het Westen al snel meer uit zou gaan naar het jihadistische gevaar dan naar zijn eigen wreedheden. Toch zijn het regime en zijn bondgenoten verantwoordelijk voor zo’n 90 procent van de burgerdoden in Syrië, aldus berekeningen van meerdere mensenrechtenorganisaties.

Herovering

Met de westerse aandacht afgeleid en rebellengroepen die elkaar in de pan hakten, begon Assad aan een herovering van verloren gebieden. Daarbij kreeg hij steun van de Iraniërs en vooral ook de Russen, die in 2015 en 2016 de stad Aleppo platbombardeerden. Tegen 2018 had Assad grote delen van het land weer in handen en waren de meeste rebellen verdreven naar de noordwestelijke provincie Idlib.

De Syrische president Bashar al-Assad met zijn Russische ambtgenoot Vladimir Poetin tijdens een bezoek aan de historische Ummayad-moskee in Damascus in januari 2020.
Foto SANA / AFP

Maar het regime was van binnen uitgehold. Tijdens de oorlog had Assad de teugels van zijn veiligheidsdiensten en allerlei milities laten vieren om hun slag te slaan uit een oorlogseconomie die draaide op afpersing, plundering en drugshandel. Na de oorlog heeft Assad deze chaos nooit weten te bezweren. Van overheidsdiensten was weinig over en burgers in regimegebied hadden het in veel opzichten nog slechter dan in rebellengebied. Terwijl een autoritair regime doorgaans stabiliteit levert in ruil voor een inlevering van politieke vrijheden, bood Assad geen van beide.

Dit verklaart mede waarom het kaartenhuis nu zo snel is ingestort. Zelfs binnen Assads eigen achterban heerste al jaren grote onvrede. Alawieten en andere loyalisten die hun zonen opofferden om het regime te redden, zien niet wat de oorlog hun heeft opgeleverd en voelen zich in de steek gelaten. Het moreel binnen het regimeleger, dat grotendeels bestaat uit onderbetaalde dienstplichtigen, was dan ook extreem laag.

Zelfs binnen Assads eigen achterban heerste al jaren grote onvrede

Daartegenover stond een buitengewoon strak georganiseerd rebellenleger dat razendsnel oprukte. Bovendien bleef leider Jolani herhalen dat hij niet uit is op wraak, legde hij contact met prominente figuren binnen het regime en beloofde hij soldaten die de wapens neerlegden een veilige aftocht. Dat droeg bij aan de snelle implosie van het regimeleger. Veel soldaten dachten simpelweg: waarom zouden we eigenlijk nog vechten voor Assad?

Militaire steun

Diezelfde gedachte moet hebben gespeeld in Moskou en Teheran. Iran beloofde militaire steun te sturen, maar had door ruim een jaar Israëlische aanvallen op Hezbollah en andere pro-Iraanse milities in Syrië niet de capaciteit om het tij te keren. Rusland bombardeerde vorige week nog even als vanouds een ziekenhuis in het door rebellen ingenomen Aleppo, maar heeft zijn handen vol in Oekraïne en zag af van een serieuze interventie.

De miezerige aftocht van deze dictator vol geldingsdrang staat in schril contrast met de schaal van het leed en de verwoesting die hij heeft aangericht. „Assad, of we verbranden het land”, was de slogan waarmee het regime in 2011 vreedzame opstandelingen bedreigde. Inderdaad verbrandde Assad het land en verschroeide hij de levens van miljoenen Syriërs. Maar uit de ravage bouwde hij nooit iets nieuws op. Zo droeg Assad bij aan zijn eigen ondergang.

Update: In de loop van zondag werd gemeld dat Assad naar Moskou was gevlucht. Dat is hierboven aangepast.

Lees ook
Assad raakte afgelopen week snel in het nauw: militairen lopen over, Rusland en Iran bieden nauwelijks hulp
Een rebellenstrijder in de buurt van Homs. In de stad ten noorden van Damascus wordt hard gevochten.
Een versie van dit artikel verscheen ook in de krant van 9 december 2024.

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Maximaal 120 woorden a.u.b.
Vul je naam in