Terug naar de krant

De tien favoriete gratis dingen van Mariët Meester, die in ‘chique eenvoud’ leeft

rubriek Top tien
Goedkoop leven is duurzaam en geeft vrijheid, vindt schrijver Mariët Meester. Ze zette haar tien favoriete gratis dingen op een rij.
Leeslijst

Mariët Meester (66), schrijver van fictie- en nonfictieboeken en essayist voor NRC, leeft al bijna haar hele leven ontzettend zuinig, al is dat een woord dat ze niet graag gebruikt. „Dat klinkt alsof je zit te schrapen”, zegt ze. „Ik heb het liever over chique eenvoud. Ik wil gewoon niet de hele tijd bezig zijn met geld verdienen.”

Haar man, beeldend kunstenaar Jaap de Ruig, en zij verdienen samen gemiddeld ongeveer één minimuminkomen, maar weten daar goed van te leven: in de winter gaan ze naar Spanje, en ze hebben een auto en naast hun socialehuurwoning in Amsterdam een salonwagen die net buiten de stad staat. Boodschappen doen ze bij Ekoplaza, ze slapen weleens in een hotel. Daartoe doen ze dingen niet: duur uit eten gaan, bijvoorbeeld, en meubels of nieuwe kleren kopen. „Op een tweedehands jasje zet ik andere knopen en dan heb ik opeens iets bijzonders.”

Mariët Meester
Foto Jaap de Ruig

Eind januari verschijnt bij De Arbeiderspers Meesters zestiende boek Een vrij leven, over haar manier van leven en hoe ze daartoe is gekomen.

Toen zij en De Ruig op de kunstacademie in Groningen zaten – ze waren al samen – werd hij depressief en „liep hij gewoon weg”. Hij liftte naar Zuid-Europa en kwam terecht bij een geitenhoeder in Frankrijk. Zij zag hoe hij opknapte van contact met dieren en besloot als stageproject met hem een woonwagentje te bouwen, een paard te kopen, door Europa te trekken en onderweg kunst te maken. Uiteindelijk hebben ze tien jaar zo gereisd, alleen onderbroken door een periode in een bouwkeet in Ede. Door geldgebrek – „we hebben nooit een uitkering willen aanvragen” – kwamen ze tot creatieve oplossingen: van een oude fietsband maakten ze een tuig voor het paard, een stuk tuinslang diende als bit. Omdat boeken te duur waren, begon Meester tijdens de reis een dagboek. Dat vormde de basis voor Een vrij leven.

10Een koffiemelkflesje met bloemen of takken

Mariët Meester: „Koffiemelkflesjes hebben vaak een heel mooie vorm. Als er geen letters in het glas staan, bewaar ik ze. Ik maak ze schoon en doe er dan een paar bloemen uit de tuin in, of een paar takken – vorig jaar heeft een man van de plantsoenendienst prachtige takken met rode bessen voor me afgesneden. Met drie bloemen of takken ziet het er al heel goed uit. En je maakt er iedereen blij mee. Ook mensen die veel geld hebben, want die hebben toch al alles. Ik spaar hier ook oude vaasjes voor, vaak kun je die voor bijna niks uit de kringloop meenemen. Ze moeten wel mooi zijn: esthetiek is belangrijk voor mij.”

9De pont van Amsterdam Centraal naar het NDSM-terrein in Amsterdam-Noord

„De pont naar NDSM en terug is een gratis minivakantie. Je hebt het gevoel dat je even op de woeste baren bent, met je haren in de wind, en het is een hele mooie route. Je vaart langs Eye, het filmmuseum, en allerlei andere mooie gebouwen. En er wordt nog veel gebouwd, dus het verandert nog steeds. Voor mijn gevoel duurt het een kwartier voor je er bent, maar ik heb het opgezocht en het is zeven minuten. Het NDSM-terrein is nog een beetje ruig, het is nog niet helemaal volgebouwd met flats. Er wonen natuurlijk wel mensen, maar nog niet zoveel, dus je hebt niet zoals op de andere ponten naar Noord dat er alleen maar mensen met haast op staan. De meesten gaan naar NDSM om uit te gaan, of zo. Wij gaan op zondag graag in een café koffiedrinken maar je kunt natuurlijk ook een thermosfles meenemen.”

8Huiskamermuseum Aalsmeer

„Het leukste gratis museum dat ik ken is het Huiskamermuseum Aalsmeer, van Janna van Zon. Zij was de assistent van Dieuwke Bakker, die Galerie Mokum heeft opgericht. Na haar dood in 1984 nam Janna van Zon haar collectie over en hing die in haar huis. Het is allemaal realistische kunst. Eigenlijk niet mijn soort kunst, maar ze vertelt er zo bevlogen over dat je het gaat zien zoals zij dat doet. Ze nodigt ook geregeld schrijvers uit om te komen vertellen. Je komt door haar hele huis, volgens mij ook haar slaapkamer maar dat heb ik nooit durven vragen. Ze heeft haar eigen beschilderde doodskist opgesteld, en ze loopt altijd in zwarte gewaden. Het is een schat van een vrouw die je altijd wat lekkers geeft; ik heb mijn vader een keer meegenomen en die werd meteen verliefd op haar.”

7Academiehuis Grote Kerk Zwolle

„Mijn schoonmoeder woont sinds anderhalf jaar in een verzorgingstehuis in Zwolle, vlak bij het centrum. Ik wil daar niet elk moment zijn, dus als ik er ben loop ik altijd even het Academiehuis binnen, dat in een heel grote kerk zit. Er is een tentoonstellingsruimte, er staan lekkere banken, kasten met tweedehandsboeken, altijd kwaliteitsboeken, dus als je wilt kun je er de hele dag gaan lezen. Er klinkt muziek, soms live. De ruimte is natuurlijk ook heel sacraal, echt prachtig. Je gaat naar binnen en je wordt meteen opgetild. Plato ging uit van drie pijlers: woord, kunst en muziek. Wat Plato’s Academia was in het Athene van toen is het Academiehuis voor het Zwolle van nu.”

Illustraties Kwennie Cheng

6Zelfgemaakt wasmiddel

„Niet helemaal gratis, wel bijna. Koop een blok Marseille-zeep of Sunlight-zeep van een paar euro, rasp er een stuk van af en smelt dat in kokend water – de verhouding is ongeveer een op vier. Met een vijfde van een blok zeep vul je een wasmiddelfles van anderhalve liter. Het wast gewoon heel goed. „Schoonmaken doe ik met groene zeep en soda en ik gebruik zuiveringszout als deodorant. Het Boekenbal was daarvoor de ultieme test, daar zweet je altijd heel erg. Nou, na afloop rook ik helemaal niks. Veel van dit soort dingen heb ik gevonden op de website van Green Evelien, een Belgische mevrouw die allemaal van dit soort tips heeft. Ik gebruik wel bodycrème van Dr. Hauschka. Die is best duur, 18 euro of zo, maar helemaal natuurlijk; ik wil geen dingen kopen die de wereld vervuilen. Ik smeer het ook op mijn gezicht.”

5 Stadswandeling

„Ik houd ervan een stad te bekijken alsof het een museum is. Zonder een boekje waar alles in staat, zodat je je kunt verwonderen. Hilversum is daar heel geschikt voor. Je hebt daar van die wijken met die donkerrode baksteen waaraan je eigenlijk niet kunt zien of ze bedoeld zijn geweest voor rijke mensen of juist als sociale woningbouw. Ze zien eruit alsof ze uit de jaren dertig komen, maar uit welk jaar?

„Mensen denken altijd dat je naar het buitenland moet gaan om interessante dingen te zien maar je kunt hier ook rondlopen of -fietsen alsof het buitenland is, en eens een kerk binnengaan. Zondag gaan wij naar Den Haag. Gratis parkeren aan de rand van de stad, vouwfietsen mee en kijken.”

4Postbode-elastiek

„Het hangt een beetje van de slordigheid van de bezorger af, maar wij vinden op straat vaak postbode-elastieken. Ik bewaar ze aan een anatomische tekenpop. Jaap is heel handig. Als ik een kapotte schoenzool heb, repareert hij die. Zo’n elastiek is dan handig om de boel bij elkaar te houden. Je kunt er ook doosjes waarvan de deksels een beetje kapot zijn dicht mee houden, je kan het om een rol papier doen, snoeren en draden mee bij elkaar houden, de deksel op een pan houden als je die ergens mee naartoe neemt, een map mee dichtdoen. Ze zijn echt ideaal. Iedere keer als ik er een vind, ben ik eventjes blij. Je kunt natuurlijk ook een hele doos kopen, maar dan mis je die kleine gelukservaringen.”

3Wildplukken

„In de tijd dat wij met de woonwagen reisden was wild plukken voor ons echt noodzakelijk. Ik had een boek met eetbare planten bij me, je moet natuurlijk geen giftige dingen gaan eten. Nog steeds eet ik vaak uit de natuur. Door de stikstofcrisis zijn er steeds meer brandnetels. Dat is zorgwekkend, maar het is wel ontzettend goed eten. Als je de blaadjes kookt heb je een groente die net zo lekker is als spinazie, en je kunt er ook soep van maken. Ik organiseer best vaak etentjes, en dan dien ik die exquise op, op een mooi bord en met een eetbare bloem erop, Oost-Indische kers bijvoorbeeld. Van jonge bladeren van de paardenbloem kun je uitstekend een salade maken. In Frankrijk is dat een luxe gerecht. Wel goed wassen als het uit een weiland komt waar veel dieren lopen.”

2Tijdschriften lezen in de bibliotheek

„Overal waar ik kom ga ik naar de bibliotheek. In juni was ik in Charleville-Mézières in Noord-Frankrijk, daar had je ook weer zo’n mooie. In een bibliotheek is het altijd warm of lekker koel, en je hebt er vaak mooie designmeubels. Het is een goede plek om heen te gaan als je door een stad loopt, wil zitten en geen zin hebt om naar een café te gaan. En bibliotheken zijn over de hele wereld gratis.

„Ik heb de mazzel dat ik in veel talen kan lezen, dus als ik in het buitenland ben ga ik er altijd tijdschriften lezen. Je begrijpt zo heel snel waar mensen zich ter plekke mee bezighouden en dat geeft je het gevoel van: ik hoor erbij. In Amsterdam ga ik graag naar de OBA op Oosterdokseiland. Die heeft veel literaire tijdschriften. Die ga ik natuurlijk niet allemaal kopen, maar ik wil ze wel bijhouden.”

1Winkelen bij het grofvuil

„Laatst besefte ik dat ik nog nooit meubels heb gekocht. Ik heb alles weggehaald bij het grofvuil, in de grote steden mag je dat aan de straat zetten. We hebben er nog veel meer gevonden. Vier gitaren bijvoorbeeld, waarvan twee binnen een week, een elektrische en een akoestische. Een vouwfiets, een boormachine. Pas stond er een heel mooi statief bij ons voor de deur, daar zat alleen iets aan los. Die kwam van onze buurvrouw, die fotograaf is. Jaap heeft haar nog wel gevraagd of ze het zeker wist. Ik neem ook wel dingen die we niet nodig hebben, zoals een metalen ladenkastje. Dat hebben we schoongemaakt en op Marktplaats gezet. Er werd meteen op geboden. Bij 120 euro vonden we het gênant worden en zijn we maar gestopt. Soms neem ik ook iets mee om het naar de kringloopwinkel te brengen. Mensen gooien zoveel weg. Dat vind ik armzalig, je weet toch wat er gaande is in de wereld? In plaats van een nieuwe keuken te kopen kun je ook de handvatten op de kastjes veranderen of alles in een andere kleur schilderen.”

Een versie van dit artikel verscheen ook in de krant van 7 december 2024.

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Maximaal 120 woorden a.u.b.
Vul je naam in