Onverrichter zaken naar huis, zo voelt het wel als zaterdagavond een menigte van tienduizenden Zuid-Koreanen zich binnen het uur verspreidt in de donkere straten van de hoofdstad Seoul. Urenlang hebben ze geschreeuwd in de brede straten die naar de Nationale Vergadering leiden om de „Afzetting! Afzetting! Afzetting!” van president Yoon Suk-yeol. Maar de avond valt, het wordt donker en koud, en langzaam wordt duidelijk: Yoon heeft zijn eigen partij te zeer in de tang. De afzettingsprocedure in het parlement mislukt, die was ingezet nadat de president probeerde een militaire staatsgreep te plegen.
Het eerste signaal dat de demonstranten tegenvalt, komt kort na aanvang van de stemsessie om vijf uur ’s middags. Er komt geen speciaal onderzoek naar Yoons vrouw Kim Keon-hee, die eerder centraal stond in omkoopschandalen en in de dagen sinds de mislukte staatsgreep steeds vaker is aangewezen als drijvende kracht daarachter. Maar in het parlement stemmen de 108 leden van de People Power Party (PPP) van Yoon tegen zo’n onderzoek naar de Zuid-Koreaanse first lady en verlaten dan de assemblee.
Als een omroeper vanaf een speciaal voor het protest opgebouwd podium dat nieuws vertelt, lijkt het weglopen nog een kinderachtige actie. Het publiek joelt. Maar als daarna de minuten wegtikken en over de afzettingsprocedure niets naar buiten komt, daagt er toch iets anders: doen die parlementariërs hun werk wel?
In de uren die volgen blijkt dat de PPP-leden de impeachment boycotten. En zonder hun stemmen is er geen quorum. Een effectieve tactiek: de uitslag van de stemmen maakt niet uit, de stemming is niet geldig. De 56-jarige IT’er Cha Byung-cheol is zwaar gefrustreerd over die gecoördineerde actie: „Wij doen onze burgerplicht. We stemmen en we komen demonstreren om die stem kracht bij te zetten. En de parlementariërs doen niet eens hun werk – zij moeten nu hun stem uitbrengen!”, roept hij door de telefoon. Cha staat aan de overkant van de straat – het is zo druk dat het haast onmogelijk is om daar te komen. De opwinding is tastbaar, de demonstranten schreeuwen hun verontwaardiging richting de uitgelichte monumentale koepel van het parlementsgebouw.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125324410-452c54.jpg|https://images.nrc.nl/AHYpHb3fbjF3NJvUyHTAbSQqIfI=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125324410-452c54.jpg|https://images.nrc.nl/Q6oANCAidPfjTj4xKFNDYpT_LKk=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125324410-452c54.jpg)
Toen de verslaggever hem eerder op de dag tegenkwam, had Cha nog gezegd: „We zijn hier misschien wel met een miljoen mensen. En eigenlijk zijn we gekomen om maar acht politici te bereiken.” De inwoner van Seoul doelt op de rekensom die voorstanders van Yoons afzetting maken: de oppositiepartijen hebben samen 192 zetels. Om de afzetting erdoor te krijgen, zijn 200 stemmen nodig – twee derde van alle zetels in het parlement. Het betekent dat voor de afzetting uit Yoons eigen regeringspartij maar acht parlementariërs van de partijlijn moeten afwijken.
Punkband en foodtrucks
Begin van de middag lijkt dat nog wel een haalbare opgave. Om één uur, vier uur voor aanvang van de stemming, is de brede avenue voor het parlement al zo volgelopen dat de metro niet meer bij het betreffende station stopt. Mensen kunnen zelfs voertuigen niet uit, zo opeengepakt zitten diegenen die vastbesloten zijn om mee te demonstreren. Rond die tijd worden er ook nog protesten georganiseerd van conservatieven die Yoon hun steun willen betuigen. Maar zij gaan niet naar het parlementsgebouw – daar heersen de vakbonden. Die hebben met vereende en duidelijke geoefende krachten iets uit de grond gestampt dat nog het meeste lijkt op een muziekfestival. Een vrouwelijke punkband speelt live; bekende K-pop nummers zijn zo geremixed dat de demonstranten “Afzetting!” kunnen schreeuwen tijdens het refrein. Tientallen aangerukte foodtrucks doen gouden zaken.
Cha grijnst als de organisatie van het protest ter sprake komt. „Dat is toch een teken van goede democratie! We weten hoe we op een ordentelijke manier onze mening kunnen laten horen.”
Juist zulke expressie is mogelijk in gevaar, vreest de 34-jarige Kim Ji-an. Ze runt haar eigen onafhankelijke uitgeverij, met kunstboeken en experimentele literatuur. „Toen Yoon de militaire noodtoestand uitriep, bezwoer hij de pers aan banden te leggen. En hij zou de macht hebben om elke vorm van expressie, het vrije woord, te verbieden. Zelfs bijeenkomsten. Dat is allemaal zo belangrijk”, zegt ze. Net als velen is ze gaan zitten, ze heeft een isolatiematje meegenomen tegen het koude asfalt. „Ik kan me niet voorstellen hoe een samenleving eruit zou zien waar iemand anders dat voor je bepaalt. Ik krijg wel eens kritiek op wat wij uitgeven, maar dat is nodig in een maatschappij. Ik zie dat als onderdeel van mijn werk.” Deze zaterdag is het protesteren dat dus ook, knikt ze. En ze is van plan te blijven zitten „totdat die boodschap is aangekomen bij de parlementariërs.”
Maar wat als dat vanavond niet gebeurt? Ze is even stil. Aan dat scenario had zo nog niet gedacht – of misschien wilde ze dat niet. „Misschien had ik diep van binnen wel al kunnen verwachten dat Yoon een troef zou uitspelen.”
Grote druk op politici
Parlementsvoorzitter Woo Won-shik laat dan weten dat de stemming nog geen definitief einde heeft bereikt: de politici hebben tot 00.48 uur precies.
„Ga terug naar binnen! Ga terug naar binnen!”, is nu de slogan van de demonstranten tegen de PPP’ers. Het volume van de muziek op de boulevard gaat een tandje omhoog. „We moeten nu energie laten zien”, zegt Noh Yeon-soo (39), zelf lokaal bestuurder en jurist. Om haar heen springt een groep vrienden op en neer. „We laten ons niet zomaar wegzetten.” En inderdaad keren enkele parlementariërs van Yoons partij naar de zaal. Maar ze stemmen tegen afzetting, ook al waren ze het oneens met Yoons ingestelde militaire noodwet. De druk op deze politici is torenhoog – er gaan geruchten rond van bedreigingen aan hun adres.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125324376-c201ed.jpg|https://images.nrc.nl/UHmUt7dCCSuUUsvq_0Rz1eoiwqk=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125324376-c201ed.jpg|https://images.nrc.nl/PNE4CyXPtJRJkWjNF6G7USgD8i8=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125324376-c201ed.jpg)
Kim Jeung-hee (50) probeert daar sympathie voor te hebben. „We moeten als demonstranten niet agressief worden”, zegt hij. „Dat is in onze geschiedenis wel voorgekomen. Maar we hebben nu wetten die hard oordelen over landverraad.” Demonstranten en oppositiepartijen zien Yoons poging de noodtoestand uit te roepen als ondermijning en landverraad – hij omzeilde het parlement en gaf zelfs opdracht tot arrestaties van politieke tegenstanders. Yoon zou kunnen toegeven aan de publieke druk en zélf opstappen. Kim zou het toejuichen – maar dan moet hij nog altijd verantwoording afleggen. „Er moet een straf volgen”, stelt hij. „Het gaat niet alleen om Yoon en wat hij deze week deed: we moeten iedere politicus die zoiets in de toekomst zou bedenken alvast duidelijk maken dat we dit nooit accepteren.”
Kim en zijn vrouw komen niet uit Seoul, maar uit Gwangju, een stad in het zuiden. Zij moeten vanavond nog met de bus naar huis. Ze blijven zo lang het busschema toelaat. „En anders komen we terug. Uit ervaring weten we dat er soms meer dan een poging nodig is voordat het tot een afzetting komt.” Tot die conclusie komen ook de vakbonden. Nog voordat parlementsvoorzitter Woo de stembus officieel sluit, gaat de stekker uit de muziekinstallatie. „Weet dat we hier volgende zaterdag weer zijn”, luidt de uitnodiging aan de demonstranten. Die gaan in de rij staan voor de heropende metro; politieagenten zetten met een lint de rij uit voor de tourniquets.
/s3/static.nrc.nl/bvhw/files/2024/12/data125314162-8099ec.jpg)