Het net lijkt zich snel te sluiten rond de Syrische president Bashar al-Assad. Opstandelingen hebben op zondag hoofdstad Damascus bereikt, en zeggen de stad „bevrijd” te hebben. Het Syrische leger trok zich het afgelopen etmaal goeddeels terug uit de streken ten zuiden van Damascus. Rebellen zagen vervolgens kans vooral uit het zuiden op te rukken.
In Damascus, waar in de omgeving sinds 2018 geen gevechten meer hebben plaatsgevonden, nam de spanning snel toe. Veel mensen zijn gaan hamsteren en in levensmiddelenwinkels is inmiddels volgens inwoners niet veel meer te krijgen. Er zou ook al zijn overgeschakeld op een rantsoeneringssysteem. Anderen proberen te vluchten naar onder meer Libanon.
Berichten uit voorsteden als Harasta en Oost-Houtha bevestigden zaterdagmiddag dat ook daar de opstandelingen inmiddels de scepter zwaaien nadat Assads militairen zich daarvandaan hadden teruggetrokken. In een andere voorstad, Jarmana, op slechts drie kilometer van Damascus, haalden lokale inwoners een standbeeld neer van Assads vader Hafez, die Syrië van 1971 tot zijn dood in 2000 met ijzeren vuist bestuurde voor zijn zoon Bashar het stokje overnam. Eerder speelde zich soortgelijke taferelen af in de donderdag ingenomen stad Hama.
Gefortuneerde zakenlieden
Volgens onder meer persbureau Reuters heeft president al-Assad de hoofdstad ontvlucht, nu de situatie voor hem en zijn resterende aanhangers steeds penibeler wordt. Waarheen is niet duidelijk. Zo zouden gefortuneerde zakenlieden die dichtbij het regime stonden inmiddels zijn gevlucht naar onder meer Libanon.
In het noorden zijn strijders van Hayat Tahrir al-Sham (HTS), een fundamentalistische soennitische groepering die zich de laatste jaren als gematigd presenteert, de buitenwijken van de stad Homs binnengedrongen. Die stad ligt dicht bij het kerngebied van de alawieten, de islamitische minderheid waartoe ook president Assad behoort. In Homs wordt op het ogenblik volgens verschillende bronnen hard gevochten.

Elders komen er echter steeds meer berichten binnen over regeringstroepen die overlopen naar de opstandelingen. Rebellenleiders hebben dit ook aangemoedigd en de regeringsmilitairen verzekerd dat hen in zo’n geval niets zal overkomen. Aan de grens met Irak zouden zelfs 2.000 regeringsmilitairen, van wie sommigen gewond waren, een goed heenkomen in het buurland hebben gezocht.
Ook in de zuidelijke provinciestad As-Suwayda gaven veel soldaten zich over, waarna lokale opstandelingen politieke gevangenen uit de lokale gevangenis bevrijdden. Gedetineerden die ‘gewone’ misdaden hadden bezondigd, lieten ze zitten. Dit meldde het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten, dat vanuit het Britse Coventry een uitgebreid informatienetwerk in Syrië tot zijn beschikking heeft.
Niet veel hulp
Naast het voor Assad en de zijnen verontrustende nieuws van de verschillende frontlinies in Syrië nemen ook de aanwijzingen toe dat zij uit het buitenland ditmaal niet veel hulp hoeven te verwachten. Zaterdag kwamen in de Qatarese hoofdstad Doha de ministers van Buitenlandse Zaken van Rusland, Turkije en Iran bijeen om de recente ontwikkelingen in Syrië met elkaar te bespreken.
De Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergej Lavrov, had naderhand weinig geruststellends voor zijn bondgenoot te vertellen. Doelend op HTS deelde Lavrov slechts mee dat „het ontoelaatbaar is dat de terroristische groep de controle in handen krijgt over het land”. Maar hoe Rusland dat laatste zou willen verijdelen in dit late stadium, liet hij in het midden.
Wel verklaarde Lavrov dat de drie landen het eens waren dat de huidige gevechten zo snel mogelijk moeten ophouden. Dit lijkt onder meer afhankelijk van Turkije, dat HTS en andere opstandelingen tot dusverre volgens de meeste analisten juist heeft gesteund.
Ook de komende Amerikaanse president Donald Trump deed vanuit Parijs, waar hij de heropening van de gerestaureerde Notre Dame bijwoonde, een duit in het zakje. In een bericht op X stelde hij dat de Verenigde Staten zich onder geen beding met de huidige strijd in Syrië moeten bemoeien. „DIT IS NIET ONZE STRIJD. LAAT HET UITWOEDEN. RAAK ER NIET BIJ BETROKKEN”, zo schreef hij in hoofdletters.
Aanvulling (8 december): dit artikel is zondagochtend aangepast na nieuwe ontwikkelingen in Syrië.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2024/12/07111927/data125285164-8105d4.jpg)