Terug naar de krant

‘Ik heb ongelooflijk de pest in als ik die boot niet geruisloos aan de steiger krijg’

In Beeld
Het nieuwe oud Jan Ek is 76. Hij was basisschooldirecteur. Nu draait hij diensten als kapitein op een fluisterboot in de Biesbosch.
Leeslijst

‘….En in dat inhammetje, als u goed kijkt”, zegt schipper Jan Ek aan het roer van zijn fluisterboot tegen de dagjesmensen aan boord, „ziet u in het riet een modderglijbaantje. En dat is de vaste plek waar een beverfamilie in en uit het water gaat.”

„O ja, o ja”, zeggen de dagjesmensen met gedempte stemmen terwijl ze vanaf de houten zitbanken glanzend van het lak kijken naar de kale plek tussen de laaghangende wilgenbomen, een modderkleurig ministrandje opgeleverd door het bevervolk.

In de komende anderhalf uur van de fluisterboottocht zal schipper Jan Ek (76) zijn publiek in licht Rotterdamse tongval gidsen door de kreken en vaarten van de Biesbosch, deze „zoetwater-Waddenzee”, zoals hij het graag noemt, met zijn eb, vloed, vaargeulen en zich verplaatsende zandbanken. En het publiek, voor het grootste deel één familie op een jaarlijks uitje, een vergrijsd gezelschap van zussen, broers en aanhang, luistert aandachtig naar deze kenner, deze schipper met zijn grijze kapiteinsbaardje boven een wit overhemd voorzien van marineblauwe epauletten.

Foto Folkert Koelewijn
Foto Folkert Koelewijn
Foto Folkert Koelewijn

In werkelijkheid staat Jan Ek pas een half jaar aan het roer en is hij een basisschooldirecteur in ruste. Decennialang vertoefde hij in klaslokalen en lerarenkamers, een hele carrière van praten of, zoals hij het uitdrukt, ‘ouwehoeren’. Hij ging met pensioen en keek uit naar de stilte. De hond uitlaten, dat is zo’n beetje alles wat hij een half jaar ondernam. „Gruwelijk vervelend”, ontdekte hij. Ek miste de mensen en de structuur in zijn dagen.

Hij nam klussen aan en wilde daarin variatie. Voor een castingbureau rekruteerde hij mensen die in een berenpak reclame maakten voor koekjes. Hij laadde een stel kippen en een ezel, paard, os en varken in een veewagen, reed naar winkelcentra en bouwde een kinderboerderij op, zo’n mobiele buitenstal ter verovering van kinderharten. Hij instrueerde mensen hoe een caravan te besturen en stond zwaaiend op het dek van een stoomboot, vermomd als sint.

En toen hij op een dag als toerist meevoer op een fluisterboot door de Biesbosch dacht hij: dit lijkt me ook wel wat. In zijn jonge jaren had hij ook gevaren, zij het op een zeilboot. Ek voer een halfjaar mee met een geroutineerde Biesbosch-schipper, haalde zijn vaarbewijs en staat sindsdien zo’n twee keer per week aan het roer. De epauletten op zijn schouders vindt hij schromelijk overdreven en zijn kapiteinsbaardje draagt hij pas sinds een jaar of vier, na de scheiding van zijn tweede vrouw, toen hij op bezoek bij een vriend zijn scheerapparaat vergat en hem werd toegeslingerd dat het hem stond („nieuwe start, Jan, nieuwe kop!”).

Foto Folkert Koelewijn

Maar de mensen aan boord wéten dat allemaal niet. Vertelde hij hun dat hij zijn hele 76-jarige leven heeft doorgebracht op de oceanen, dat hij voer op de grote vaart en aanmeerde in alle wereldhavens, van Guangzhou in China via Vancouver in Canada tot Santos in Brazilië („O, Sántos!”), men zou hem zo geloven.

De passagiers zitten er ontspannen bij, ze kijken loom het raam uit, ook al scheren ze in de nauwe kreek dicht langs de oever. Een van de broers van het familie-uitje ziet kans een rietblad te plukken. Hij slaat aan het vouwen, tovert het blad om tot een groen bootje inclusief puntige mast en werpt het naar buiten. Het blijft nog drijven ook.

Jan Ek heeft grip op zijn schip, dat draagt bij aan de ontspanning, hij doet de dingen graag goed. Gevraagd hoe het is om ouder te worden, antwoordt hij: „Het ‘moeten’ ben je kwijt.” Maar dat blijkt vooral een poging zijn inborst te bezweren want twee zinnen later bekent hij: „Het moet bij mij altijd perfect.” Perfect aanmeren, dat is zijn doel aan het eind van elke boottocht. „Ik heb er ongelóóflijk de pest in als ik de boot niet geruisloos aan de steiger krijg. Dat moet natuurlijk zonder dat je ook maar íéts voelt, snap je wel?”

De boot nadert het eindpunt, Ek mindert vaart. Even later ligt de fluisterboot stil. „Zó!”, zegt de man die net dat bootje vouwde. „Dát deed-ie netjes!”

Foto Folkert Koelewijn
Foto Folkert Koelewijn
Foto Folkert Koelewijn
Een versie van dit artikel verscheen ook in de krant van 28 december 2024.

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Maximaal 120 woorden a.u.b.
Vul je naam in