1
Na een paar jaar van helemaal niet of hooguit een beetje digitaal ben ik sinds een paar jaar weer terug bij de papieren agenda. Opschrijven helpt dingen beter te onthouden, zelfs als ik het vergeet terug te lezen, en het is buitengewoon bevredigend om to do’s met pen te kunnen doorstrepen. En het kan geen kwaad het handschrift nog een klein beetje bij te houden, in deze digitale tijd. Ik heb een voorkeur voor die van Moleskine, de grote en dikke, zodat er ook ruimte is voor aantekeningen. Het beginnen in een nieuwe agenda geeft me elke keer weer heel even een hoopvol gevoel. Alsof ik het jaar net zo fris en opgeruimd inga als de nog onbeschreven pagina’s.
2
Na jaren van (zeer) wijde, (zeer) lange broeken was ik dit najaar toe aan iets anders. Ik ben op mijn wenken bediend, want de korte broek is terug in de mode. Niet als in net over de billen, maar als in net boven, op of over de knie. Er kan natuurlijk van alles onder en boven, maar een grote trui of colbert en kniehoge laarzen (ook een verademing na jaren van vooral sneakers) voelen erg nu. Voor wie niet wil of kan winkelen: een losvallende spijkerbroek of anderszins ruime broek is zo korter gemaakt. Probeer het wel even uit voordat je de schaar erin zet of laat zetten.
3
Weinig dingen zijn zo moeilijk tentoon te stellen als kleding, zei Kaat Debo, de directeur van modemuseum MoMu in Antwerpen onlangs in dit magazine. Weinig musea die er zo goed in zijn als MoMu: de exposities zijn er nooit tuttig of statisch – valkuilen bij modetentoonstellingen – en eigenlijk altijd verrassend: ik kom er zelden zonder nieuw inzicht uit. In het kader van een James Ensor-jaar (de beroemde Belgische kunstenaar stierf 75 jaar geleden) is er nu een tentoonstelling met de nadruk op make-up en maskers, Maskerade. Deze maand heb ik eindelijk tijd om te gaan. Ik verheug me.