Terug naar de krant

Letterlijk: vaak gebruikt als figuurlijk – en anders meestal overbodig

rubriek De ombudsman
Leeslijst

‘Taal is een levend organisme, meneer De Bie”, hield neerlandicus E.I. Kipping zijn gehoor steevast voor, maar er zijn van die dagen dat het levend organisme je aanvalt als een pitbull met hondsdolheid. Figuurlijk dan. Zo opende ik op de eerste dinsdag van het jaar, nog vol van goede voornemens (mildheid en redelijkheid betrachten in een onredelijke wereld), in een drukke supermarkt de onmisbare NRC-nieuwsbrief Vijf om vijf. Daar was de hond: „Het kabinet heeft zich (letterlijk) rijk gerekend: in de coalitie lopen de spanningen al op”.

Die onderwerpregel verwees naar (en was de kop in de editie van) een verhelderend verhaal over dreigende onenigheid in politiek Den Haag over geld, omdat de Nederlandse realiteit minder rooskleurig was dan in de Rijksbegroting was voorzien. Men had zich dus rijk gerekend, maar toch werkelijk niet letterlijk. Dat laatste is voorbehouden aan boekhouders, belastingadviseurs en wellicht een enkele bijlesdocent wiskunde (overigens kwam in de artikeltekst zelf ‘letterlijk’ niet voor).

Meer dan tien jaar geleden zwierf er een enigszins pedant geformuleerd document op de boekenredactie over „verboden woorden”. Het waarschuwde onder meer voor ‘letterlijk’: vaak werd het gebruikt in de betekenis van figuurlijk en anders is het doorgaans overbodig. Woorden zijn immers uit hun aard al letterlijk.

Nog nagrommend van de nieuwsbrief haalde ik thuis ‘letterlijk’ door twee maanden NRC-archief. Hoe hing de vlag erbij? In de meeste gevallen werd het correct gebruikt, in de context van beleidsplannen, borden op straat, de wijze waarop mensen de Bijbel lezen of in de weergave van al dan niet historische citaten, zoals eentje van Maxime Verhagen, die in 2011 zei dat hij genoeg had van al dat „buitenlandse gedoe” en stelde dat Nederland ‘letterlijk’ beter zijn eigen boontjes kon doppen.

Maar de letterlijk-als-in-figuurlijk valt ook de NRC’ers zelf soms uit de pen. Dan gooit iemand het letterlijk over een andere boeg, waar slechts van een figuurlijke koerswijziging sprake is. Ik las over plasticdeeltjes die „letterlijk overal” in zouden zitten. Permanent is er de verleiding om pogingen om de klimaatverandering tegen te gaan aan te duiden als letterlijk een druppel op een gloeiende plaat. Over het gloeien valt te twisten, maar een plaat is de aarde al eeuwen niet meer – wij dwalen over een oververhit bolletje. Ter afsluiting een twijfelgeval. In een column stond over een vrouw bij de apotheek dat zij afdroop. „Letterlijk, met schouders als druppend kaarsvet.” Ook niet letterlijk letterlijk, maar wat volgt is zo gebonden aan de verbeelding van de auteur dat ik het slik als zoete koek.

Waarom is letterlijk zo’n lekker woord? Ongetwijfeld omdat het zo weinig betekent. Het functioneert als een verbale onderstreping die aangeeft dat wat volgt extra belangrijk is (als in: „hondenvoer stond letterlijk bovenaan de boodschappenlijst”). Ook de misplaatste letterlijk die figuurlijk betekent, heeft die onderstrepingsfunctie: let op, hier volgt een toepasselijke beeldspraak. Nogal wat auteurs kiezen trouwens voor een tussenoplossing, zoals „bijna letterlijk”.

Dertig jaar geleden verzocht een hoofdredacteur of het afgelopen kon zijn met het woordje deal. Die afspraak kwam er niet

Abonnees van NRC zijn secure lezers en wijzen graag op taalfouten. Een speciale vermelding verdient de Nijmeegse lezer die geregeld wijst op de onzalige opmars van anglicismen en Engels in de kolommen. Zijn laatste grieven bevatten ‘balanceeract’ voor ‘evenwichtsnummer’, ‘prijswinnend’ voor ‘bekroond’ en (terugkerend) de wake-up call.

Begin vorig jaar wijdde ik al een rubriek aan de verengelsing, waar ook nog de opkomst van de ‘deal’ aan kan worden toegevoegd. Die lijkt de afspraak en overeenkomst te verdringen. Omdat de deal lekker kort is en zich leent voor vlotte samenstellingen (asieldeal, pensioendeal). Met kort is niks mis, maar de gevoelswaarde van de deal ligt dichter bij de bezegelende handdruk (of ‘hoge vijf’) dan bij de inhoud van de overeenstemming. Nog los van de vraag of de „deal tussen overheid en burgers” geen al te losse benaming van het aloude sociaal contract is. Overigens meldde een collega me dat dertig jaar geleden een hoofdredacteur al eens verzocht of het niet afgelopen kon zijn met het woordje deal. Die afspraak kwam er niet.

Een andere steen des aanstoots is de verhaspelde uitdrukking. Zo schreef NRC over schrijfster Elfriede Jelinek: „de Belastingdienst zit op haar dak” wat een vrolijk beeld opleverde, maar toch niet de boodschap was. Ook zie ik met lede ogen aan hoe het ‘na’ uit „het vuur na aan de schenen leggen” in ongeveer de helft van de gevallen is gesneuveld. Bij Onze Taal is het inmiddels een erkende variant die „ook in omloop” is. Ik weet het, meneer Kipping, levend organisme en zo – maar zonde van een elegante uitdrukking is het wel.

Goede voornemens

De over taalfouten klagende lezer heeft altijd gelijk, al ziet die niet wat er allemaal uit de kolommen wordt gehouden door auteurs die hun werk nog even nalezen en door eindredacteuren. Ook stuurt de eindredactie de hele NRC-redactie af en toe een mail met taalwenken. Al een paar keer zag ik daarin staan dat „nooit eerder” fout is. Het moet „niet eerder” of „nog nooit” zijn.

Als het figuurlijke gebruik van letterlijk de windmolen is van de ombudsman, dan is „nooit eerder” die van de eindredactie: de woordcombinatie glipte er al vier keer doorheen. In 2025. Hier passen goede voornemens, zo aan het eind van de week waarin een volgende machthebber in medialand zijn feitencontroleurs aan de dijk heeft gezet. Dat wijst ons permanent op het verschil tussen wat letterlijk zo is en wat ongeveer, figuurlijk of bijna het geval is. Zo bezien is letterlijkheid het hart van de journalistieke zaak; een woord om niet licht te gebruiken.

Arjen Fortuin

Reacties: ombudsman@nrc.nl

Een versie van dit artikel verscheen ook in de krant van 11 januari 2025.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Maximaal 120 woorden a.u.b.
Vul je naam in