In een opslagkamer in het politiegebouw van Homs ligt een stapel kalasjnikovs, jachtgeweren en legeruniformen. Voor de deur zit een man van de nieuwe rebellenoverheid aan een tafel. Hij draagt een zwarte trui met capuchon en heeft zijn gezicht bedekt met een mondkapje om te voorkomen dat de mannen die aan zijn tafel komen hem later herkennen.
Die mannen staan buiten te wachten in een lange rij. Twee weken geleden waren ze nog soldaat in het leger van Assad, nu staan ze hier om hun wapens in te leveren. Ze kijken ongemakkelijk, boos, schaamtevol – maar de rij beweegt ordentelijk voort. Twee bewapende rebellen houden de wacht, een agent van de rebellenpolitie roept om wie naar binnen mag. Slechte behandeling is niet te zien.
„We hebben in vier dagen tijd al vierduizend wapens ingezameld”, zegt Ahmed (31), een medewerker van het loket die niet met zijn achternaam in de krant wil. Na een kort interview over hun diensttijd krijgen de ex-soldaten een ‘tijdelijke beschermingskaart’ waarmee ze zich kunnen identificeren ten overstaan van de nieuwe autoriteiten. Een rechter moet later maar uitzoeken wie er bloed aan zijn handen heeft, aldus Ahmed. Eerste prioriteit is nu meer veiligheid op straat.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125838127-b51cc8.jpg|https://images.nrc.nl/RvC6173d9vjoXl_YkxBRGQUTp-I=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125838127-b51cc8.jpg|https://images.nrc.nl/qooQ9cnXW7tzgVxvBoJdVmb1uXY=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125838127-b51cc8.jpg)
„We hebben geleerd hoe je moet besturen”, zegt de nieuwe politiechef Alaa Omran vanuit zijn kantoor een verdieping hoger. De Assad-portretten aan de muur zijn verscheurd, maar het kitscherige regime-meubilair is intact. „Als we Assad in 2013 omver hadden geworpen, was het chaos geworden”, zegt Omran. „Maar dit keer waren we goed voorbereid, zowel op militair als civiel vlak.”
Verlossingsregering
Omran – zwarte coltrui, grijs jasje, volle baard – was al politieofficier in de zogeheten ‘Verlossingsregering’. Die rebellenoverheid in de noordwestelijke Syrische provincie Idlib werd in 2018 in het leven geroepen door Abu Mohammed al-Jolani, de leider van de islamistische strijdgroep Hayat Tahrir al-Sham (HTS) die Assad ten val bracht. Nu Jolani de facto leider van Syrië is, gebruikt hij niet langer zijn nom de guerre, maar zijn echte naam: Ahmed al-Sharaa.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125833386-77bda5.jpg|https://images.nrc.nl/iK0Oy-tGF4zeLXuxHEta8Dy3TVM=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125833386-77bda5.jpg|https://images.nrc.nl/SFajkAN61NUzwyntWVr2Q9ZiBzY=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125833386-77bda5.jpg)
„Al-Sharaa is het brein achter onze transformatie”, zegt Omran. De HTS-leider en voormalig jihadist zorgde volgens hem niet alleen voor een strakke militaire organisatie, maar verdreef ook extremisten uit zijn gelederen en deed rebellen verplicht op cursus. „Ze kregen les in morele principes en zelfbeheersing”, zegt Omran. „Zes jaar geleden hadden ze iedereen afgemaakt bij zo’n verovering. Nu weten ze zich in te houden.”
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125106629-da7b2b.jpg)
Het is meer dan propagandapraat, zag NRC de afgelopen week in zowel Homs als Damascus. Zelfs in welvarende wijken in de hoofdstad waar veel aanhangers van het oude regime wonen, vertellen verbaasde inwoners dat de HTS-rebellen zich vooralsnog goed gedragen. Opvallend genoeg wijzen ze daarbij op een contrast met de rebellen uit het zuiden van Syrië, die de hoofdstad als eerste innamen en meteen aan het plunderen sloegen. Pas toen HTS de stad twee dagen later onder controle kreeg, zou de orde zijn hersteld.
Maar die orde is extreem fragiel en de strijd om Syrië nog lang niet beslist. In het noordoosten vechten door Turkije gesteunde rebellen tegen Koerdische militanten. In het zuiden en Damascus bombardeert Israël. In de kustgebieden, waar vanouds veel Assad-aanhangers wonen, nemen spanningen tussen de lokale bevolking en HTS toe. En in het hele land is het de vraag of verschillende rebellenfacties gehoor zullen geven aan Sharaa’s oproep tot de vorming van een nationaal leger, of toch liever de baas blijven spelen in hun eigen koninkrijkjes.
Niet genoeg personeel
Bovendien is Idlib besturen iets heel anders dan een land regeren. In de eerste plaats kampt Sharaa met een enorm capaciteitsprobleem: veel overheidsmedewerkers zijn gevlucht en de Verlossingsregering heeft niet genoeg personeel om hun plaats in te nemen. Dat geldt zeker in instituties als de politie, waar volgens politiechef Omran volledig schoon schip moet worden gemaakt. „We kunnen niet samenwerken met regime-agenten, die zijn corrupt en worden door niemand vertrouwd.”
Een tweede uitdaging is dat Syrië veel diverser is dan het soennitische en zeer conservatieve Idlib. Sharaa heeft weliswaar beloofd de rechten van onder meer vrouwen en minderheden te zullen respecteren, maar moet die belofte nog waarmaken. Daarbij navigeert hij tussen twee vuren: binnen HTS wordt geëist dat hij niet te veel afwijkt van een strikte geloofsinterpretatie, terwijl met name westerse landen waarschuwen dat ze een progressievere koers willen zien in ruil voor het opheffen van sancties tegen Syrië of het schrappen van HTS van terreurlijsten.
Niet voor niets heeft de politiek woordvoerder van Sharaa’s transitieregering in een interview met NRC zijn mond vol van diversiteit. „Wij zijn niet zoals het oude regime, dat groepen in de samenleving tegen elkaar opzette”, zegt Obaida Arnaout vanuit het kantoor van de oude gouverneur van Homs – een baan die hij er sinds deze week naast doet. „We zien diversiteit juist als onze kracht.”
Arnaout draagt net als politiechefOmran een gelikt jasje en heeft een volle baard. Hij studeerde Arabische literatuur, schreef naar eigen zeggen filmscenario’s en poëzie en spreekt al bijna als een Haagse woordvoerder. „Ik wil iedereen leren kennen”, zegt Arnaout opgewekt. „Daarom zijn we bezig om in kaart te brengen welke activisten en verenigingen er zijn.” Maar gevraagd om concrete namen van gesprekspartners die anders denken dan hij, komt hij niet verder dan één christelijke priester. „Ik ben pas net terug uit Damascus en was de hele tijd bezig met media-interviews.”
Vrouwenrechten
In een interview met de Libanese zender Al Jadeed zei Arnaout deze dinsdag dat vrouwen niet in staat zijn bepaalde overheidsfuncties te vervullen, zoals die van minister van Defensie. „Ze hebben mijn woorden uit de context gehaald”, zegt Arnaout, die plechtig benadrukt dat vrouwenrechten in het nieuwe Syrië gerespecteerd zullen worden. Toch laat hij de kans liggen om duidelijk afstand te nemen van zijn eerdere uitspraken. „Áls een vrouw al het werk heeft gedaan om een ministerie te kunnen leiden, dan kan dat”, zegt hij alleen, en na veel aandringen.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125798278-ad8503.jpg)
Arnaouts uitspraken leidden tot kleine protesten, maar veel vrouwen zijn bereid de transitieregering het voordeel van de twijfel te geven. Geef verandering een kans en gun ons wat hoop, klinkt het alom. De opluchting dat Assad is verdreven is veel groter dan eventuele zorgen over wat komen gaat. Op straat overheersen dan ook vrijheid en blijheid, ook onder vrouwen en minderheden.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125832919-7ea9da.jpg|https://images.nrc.nl/D75Co-J1nAcR0FouZ2hBKvm1KCQ=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125832919-7ea9da.jpg|https://images.nrc.nl/c-2wZXFr_U3zGLanbcEj7oqA948=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125832919-7ea9da.jpg)
Zo verandert een viering van het aankomende kerstfeest in de christelijke wijk van Homs woensdagavond in een revolutionaire rave. Tientallen jongeren, zowel moslims als christenen, staan samen te dansen voor een DJ naast een standbeeld van een kerstboom. Faris (21), een jongen in kerstmanpak, wordt op de schouders gedragen. Hij blijkt een bedrijfje te hebben dat sterke drank importeert. „Ik heb de autoriteiten gevraagd of er restricties komen”, zegt hij. „Ze hebben me verzekerd dat ik gewoon zaken kan blijven doen.”
Maar nieuwe wetten zijn er nog niet, laat staan een parlement. Al Sharaa heeft aangegeven dat Syrië nog niet klaar is voor verkiezingen, mede omdat er nog miljoenen mensen ontheemd zijn. Bovendien moet er volgens de rebellenleider eerst een nieuwe grondwet komen. Volgens woordvoerder Arnaout zal die worden opgetekend door een grondwettelijk comité waarin alle groepen in Syrië vertegenwoordig zijn en ook vrouwen zitting zullen hebben.
Europese scepsis
Toch bezien Europese diplomaten het transitieproces met de nodige scepsis, blijkt uit gesprekken met drie van zulke diplomaten. Nog afgezien van Al Sharaa’s islamisme maken zij zich vooral zorgen over zijn bereidheid om de macht te delen. Eén van de diplomaten oppert daarom dat het beter zou zijn om het transitieproces te laten plaatsvinden binnen de VN-kaders die hier al in 2015 voor zijn ontworpen. Probleem is wel dat de door de VN erkende Syrische oppositie in ballingschap binnen Syrië nauwelijks legitimiteit heeft.
De Europese diplomaten erkennen dat ze achter de feiten aanlopen. Het Westen heeft al jaren zijn handen van Syrië afgetrokken en geen formele banden aangeknoopt met HTS, dat ondanks interne veranderingen nooit van terreurlijsten is afgehaald (HTS werd in 2017 opgericht na een breuk met Al-Qaida). Inmiddels hint de VN-gezant voor Syrië dat HTS weer van die lijsten kan worden afgehaald en zijn westerse landen bezig met een inhaalslag. Frankrijk heeft zijn ambassade in Damascus heropend, de Amerikanen stuurden deze week een zware diplomatieke delegatie.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125833575-9b5ec6.jpg|https://images.nrc.nl/XdpR4xF79u7hKE1OpGawwJhKe4k=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125833575-9b5ec6.jpg|https://images.nrc.nl/haA-POHUd8m7-vJhQV3tU4WtrE8=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data125833575-9b5ec6.jpg)
Ondertussen beschikt Turkije over de beste banden met de transitieregering. Ankara investeert graag in het nieuwe Syrië, niet het minst omdat Turkse bouwbedrijven er veel kunnen verdienen en de Turkse regering de terugkeer van vluchtelingen wil bevorderen. Westerse regeringen willen dat net zo goed, maar zakendoen in Syrië ligt lastig vanwege sancties tegen het oude regime. Het opheffen van die sancties kan worden ingezet bij onderhandelingen met Al Sharaa, al erkennen Europese diplomaten dat dit wringt. „Die sancties zijn gericht op een partij die er niet meer is”, zegt één van hen. „Het zou oneerlijk zijn ze overeind te laten.”
Wie Homs aandoet, begrijpt waarom niet alleen HTS, maar heel Syrië baat zou hebben bij het opheffen van sancties en steun van buitenaf. Door heel de stad staan nog de karkassen van kapotgebombardeerde gebouwen. De kosten van de wederopbouw van het land worden geschat op tussen de 250 en 400 miljard euro.
Reddingswerkers van de Witte Helmen zijn alvast begonnen. Een graafmachine versierd met de vlag van de Syrische revolutie duwt de brokstukken opzij van een ziekenhuis dat het regime hier platbombardeerde. Het voertuig is aangeleverd vanuit Idlib, legt een vrijwilliger uit, want in Homs is er helemaal niets. „Voorlopig kunnen we hier alleen wegen openen”, zegt hij. „Om iets nieuws te bouwen, is er internationale steun nodig.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2024/12/20104449/web-2012BUI_golanbibi1.jpg)