Hij was bijna klaar met een boek over de geschiedenis van de Britse anti-slavernijbeweging toen historicus Rutger Bregman (36) besloot eerst een ander boek te schrijven. „Een soort zelfhulpboek voor wereldverbeteraars”, zegt hij.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2024/05/21134940/data115950195-7dca0a.jpg)
De inspiratie vloeide voort uit zijn onderzoek naar het groepje Britse burgers dat eind achttiende eeuw de strijd tegen de slavernij aanbond. Door hun ambitie en idealisme ontketenden zij een van de grootste bewegingen voor mensenrechten ooit. Uit hun succesvolle aanpak vielen lessen te leren, constateerde Bregman. Lessen waar anderen een voorbeeld aan kunnen nemen.
In zijn eind maart verschenen boek Morele ambitie roept hij idealistische mensen op hun talenten niet te verspillen in „suffe, nutteloze of zelfs schadelijke banen”, maar zich te wijden aan het vinden van oplossingen voor wereldproblemen.
Anderen aansporen de lat hoger te leggen en dan zelf niks anders doen dan wéér een boek publiceren voelde „een beetje raar”, zegt Bregman. Tien jaar lang schreef hij voor het journalistiek platform De Correspondent artikelen over onderbelichte wereldproblemen. Ook publiceerde hij een handvol boeken – De meeste mensen deugen is de bekendste – waarvan wereldwijd meer dan twee miljoen exemplaren zijn verkocht.
Gelezen worden voelt magisch, maar wat had hij met zijn artikelen en boeken concreet bereikt? Bewustzijn creëren voor problemen wordt overschat, zegt hij. Het zijn daden die het leven van mensen en dieren echt verbeteren: wetswijzigingen realiseren, alternatieve producten ontwikkelen enzovoorts. Met een stel ondernemers richtte Bregman een stichting op, The School for Moral Ambition.
De komende jaren wil hij zich inzetten om daarvan een internationale beweging te maken die duizenden mensen motiveert een ander carrièrepad te kiezen. Met een budget van 2,5 miljoen euro, deels Bregmans eigen geld, gaat de stichting komend jaar de strijd aanbinden met de tabaksindustrie en in Brussel lobbyen voor de eiwittransitie. Echt iets in gang proberen te zetten, het voelt als het allerleukste wat hij tot nu toe heeft gedaan, zegt Bregman, die op verzoek van NRC Magazine zijn favoriete verlichte mensen op een rij zette.

Ondernemer10. Jaap Korteweg (1962)
Rutger Bregman: „De mensen uit deze top tien combineren het idealisme van een activist met de ambitie van een ondernemer. Ze wijzen niet naar anderen maar komen zelf in actie en zijn gefocust op resultaat. Winnen is voor hen een morele plicht.
„Jaap Korteweg is een Nederlands rolmodel voor morele ambitie. Hij zette eerst De Vegetarische Slager op, een bedrijf dat duurzame én lekkere vleesvervangers maakte. Op een gegeven moment bedacht hij dat zijn bedrijf echt groot moest worden en verkocht hij het aan een corporate onderneming, aan Unilever. De grote zak geld die dat opleverde zag hij als durfkapitaal voor een nieuwe onderneming die nog radicaler is: Those Vegan Cowboys. Dat bedrijf probeert plantaardige kaas te maken. Kaas dus waar geen koe aan te pas komt.”

Voorvechter dierenrechten9. Leah Garcés (1978)
„Als voorzitter van dierenrechtenorganisatie Mercy For Animals maakte Leah Garcés een dappere strategische keuze. Zij besefte: we kunnen alleen een vuist maken tegen de Amerikaanse agro-industrie als we de boeren niet als vijanden zien maar als bondgenoten. Garcés raakte bevriend met Craig Watts, een van de vele kippenboeren die door het systeem noodgedwongen dierenmishandelaar zijn. ‘Kom maar filmen in mijn stallen’, zei Watts, ‘laat maar zien hoe vreselijk ik mijn dieren moet behandelen om mijn gezin te kunnen onderhouden.’ Garcés stuurde de opnamen naar The New York Times. Dat was het begin van een effectieve campagne tegen een grote kippenvleesproducent.
„De morele moed om samen te werken met de vijand én ogen op de bal te houden bewonder ik.”

Filantroop8. Dustin Moskovitz (1984)
„De meeste filantropie is bullshit, een front voor belastingontwijking, corrupte verdienmodellen en ijdelheid. Maar je hebt ook een kleine groep filantropen die durven te gaan waar anderen niet durven te gaan, die voor de troepen uit lopen en die echt verschil maken. Bill Gates hoort daar bijvoorbeeld bij. Je kunt van alles van hem vinden, maar zonder hem hadden we nu waarschijnlijk geen malariavaccin gehad.
„Een andere belangrijke Amerikaanse filantroop is Dustin Moskovitz, medeoprichter van Facebook. Hij heeft een groot deel van zijn vermogen geschonken aan de stichting Open Philantropy. Onderzoekers van de stichting bepalen welke onderbelichte problemen het beste aangepakt kunnen worden. Zo werd Moskovitz, zelf niet eens vegetariër, de grootste financier van de dierenrechtenbeweging uit de wereldgeschiedenis.”

Anti-slavernijvoorvechter7. Benjamin Lay (1682-1759)
„Benjamin Lay was een radicaal-progressieve Britse Amerikaan die in het begin van de achttiende eeuw leefde. Hij at geen vlees, vond paardrijden dierenmishandeling, geloofde in de gelijkwaardigheid van man en vrouw, en heeft heel zijn leven gestreden tegen de slavernij. Als hij thee aangeboden kreeg met suiker van slavenplantages sloeg deze kleine, gebochelde man de kopjes kapot.
„Lay heeft diverse keren op dramatische wijze tegen slavernij gedemonstreerd. Zo kidnapte hij eens kortstondig een kind van slavenhouders, om hen te laten ervaren hoe Afrikanen zich voelen als hun verwanten als slaafgemaakten worden verkocht. Soms hoor je: is dat nu nodig, dagelijks de A12 bezetten of je vastlijmen aan een schilderij? Ja, mensen als Benjamin Lay die ons provocerend wakker schudden zijn soms nodig.”

Oprichters Charity Entrepreneurship6. Joey Savoie (1992) en Karolina Sarek (1995)
„Als jongetje kon Joey Savoie niet aarden op zijn Canadese school. Waarom gaat het niet over de echt grote wereldproblemen, waarom zijn we zo bezig met badge collecting, het halen van vinkjes, medailles en diploma’s? In 2018 begon hij samen met Karolina Sarek in Londen een eigen school, Charity Entrepreneurship, het Zweinstein voor wereldverbeteraars. Een schoolvoorbeeld van een klein groepje gecommitteerde idealisten met een plan, die bezig zijn met het veranderen van de wereld. Indrukwekkend wat ze in korte tijd al voor elkaar hebben gekregen, een inspiratie voor onze stichting. Ja, wij denken met onze School for Moral Ambition nog wel iets te kunnen toevoegen. Zij richten vooral non-profits op. Ik denk dat je met ‘for-profits’ ook dingen kan doen, en ook dat je binnen bestaande bedrijven dingen kunt veranderen.”

Directeur Lead Exposure Elimination5. Lucia Coulter
„Lucia Coulter is een jonge Britse arts die zich afvroeg of ze ergens anders niet méér voor de gezondheid van mensen kon betekenen. Bij Charity Entrepreneurship hoorde ze dat een op de drie kinderen wereldwijd te veel lood in het bloed heeft, een belangrijke doodsoorzaak. Coulter richtte Lead Exposure Elimination op, een stichting die in korte tijd in tien landen effectief heeft gelobbyd tegen lood in producten.
„Waarom zulk laaghangend fruit niet al eerder geplukt is? Omdat er geen geld mee te verdienen is. Omdat de mensen die het raakt geen stem hebben. En omdat de mensen die er wat aan zouden kunnen doen het geen sexy onderwerp vinden. Onwetendheid speelt vast ook een rol. Daarom is het goed, om net als Lucia Coulter, eerst grondig research te doen.”

Anti-slavernijvoorvechter4. Elizabeth Heyrick (1769-1831)
„Nog een Britse voorvechter tegen slavernij. Ik focus zo op de Britten omdat daar een brede volksbeweging tegen slavernij ontstond. Uiteindelijk is onder Britse druk 80 procent van de internationale slavenhandel afgeschaft. De eerste generatie abolitionisten waren gradualisten; door slavenhandel te verbieden zouden plantagehouders de overgebleven tot slaaf gemaakten beter gaan behandelen. Lariekoek, vond Elizabeth Heyrick. De beweging was in 1787 begonnen, inmiddels was het 1820 en was er voor de overgebleven slaven weinig veranderd. Niks gradualisme, zei Heyrick, afschaffen die slavernij. Een mooi voorbeeld van de wisseling van de wacht. Een jonge abolitionist die tegen oudere activisten zegt: jullie gaan niet hard genoeg. Ik kan me voorstellen dat jongeren van Extinction Rebellion net zo aankijken tegen sommige oudere klimaatactivisten.”

Voorvechter burgerrechten3. Jo Ann Robinson (1912-1992)
„Amerikaanse schoolkinderen leren dat de segregatie in bussen eindigde nadat Rosa Parks weigerde haar zitplaats in het ‘zwarte’ gedeelte van een bus af te staan aan een witte vrouw en daarvoor bestraft werd. De werkelijkheid was veel interessanter. Jo Ann Robinson, leider van de Women’s Political Council, voor Afrikaans-Amerikaanse vrouwen in Montgomery, wachtte al maanden op het juiste moment voor een busboycot. Maar de zwarte vrouwen die vóór Parks in bussen waren gearresteerd leken Robinson minder geschikt als boegbeeld. Ze koos Rosa Parks. Van huis uit een rebelse, tegendraadse vrouw, maar Robinson gaf haar de rol van een vrome naaister, een vrouw die het ook goed zou doen in de mainstream witte pers. Die rol speelde Parks met verve. Het gaat niet alleen om gelijk hebben, maar ook om gelijk krijgen.”

Britse filosoof en wiskundige2. Bertrand Russell (1872-1970)
„Als 19-jarig lid van een christelijke studentenvereniging volgde ik een collegereeks van filosoof Herman Philipse, ‘Godsgeloof of atheïsme?’. Ik hoopte mijn geloof in God een intellectueel fundament te geven. Philipse sneed mij echter de pas af. Dankzij hem kwam ik tot het besef dat zingeving uit mensen zelf moet komen.
„Van Philipse leerde ik ook dat je een intellectuele held kunt hebben. Dat werd voor mij Bertrand Russell. Deze Britse filosoof en wiskundige is zo’n overdonderend indrukwekkende schrijver. Een symbool van intellectuele eerlijkheid. Russell leefde ook zo’n rijk leven. Hij trouwde vier keer, begon een school, schreef gemiddeld drieduizend woorden per dag, kreeg de Nobelprijs voor Literatuur. Zijn levensverhaal biedt zoveel inspiratie over hoeveel je met één leven op deze planeet kan doen.”

Anti-slavernijvoorvechter
1. Thomas Clarkson (1760-1846)
„Net als eerder Benjamin Lay streed Thomas Clarkson tegen slavernij. Als ambitieuze 25-jarige student deed hij mee aan een essaywedstrijd van de Universiteit van Cambridge, want Clarkson droomde ervan schrijver te worden. Daar herkende ik me in, zo begon het voor mij ook ooit.
„Voor de essaywedstrijd moest hij antwoord geven op de vraag: is slavernij geoorloofd? Hij studeerde twee maanden op het onderwerp en won de wedstrijd. Een glanzende schrijverscarrière leek in het verschiet. Maar op de weg terug naar huis, schreef Clarkson later in zijn memoires, stapte hij van zijn paard en dacht: als de inhoud van mijn essay klopt, dan moet iemand zich toch inzetten voor de zaak van de onderdrukte Afrikanen?
„Hij werd gedreven door een mengsel van idealisme en ijdelheid, en dat is prima, denk ik. Want het belangrijkste is dat Clarkson heel zijn leven heeft gestreden voor de afschaffing van de slavernij. De historicus Christopher Leslie Brown, dé expert op het gebied van de Britse anti-slavernijbeweging, ziet hem als de belangrijkste abolitionist – zonder hem had de wereld er vandaag heel anders uit kunnen zien.”