Terug naar de krant

‘Saydnaya is een plaats delict. Maar het bewijs wordt voor onze ogen vernietigd’

reportage
Martelgevangenissen Nu de deuren van de Saydnaya-gevangenis wijd open staan, verdwijnt er ook veel bewijs dat nodig is voor strafzaken en de zoektocht naar vermisten. „Of we in de toekomst vrede krijgen hangt af van onze toegang tot het verleden.”
Leeslijst
Video Al Baraa Haddad

De stank is nog niet verdwenen uit de martelkamers van de Saydnaya-gevangenis. De stenen vloeren zijn bezaaid met smerige kleren en dekens. In de hoek van één van de cellen liggen menselijke uitwerpselen naast een plastic zak met dadels en een tomaat. In de muren zijn streepjes gekerfd of wanhopige boodschappen achtergelaten.

„Ons leven is meedogenloos”, heeft een gevangene in een muur gekrast. „Oh leven, laat me het begrijpen. Waarom heb je mijn hart verraden? Wanneer wordt mijn hoofd bevrijd van deze gedachten?”

Hier en daar zijn nog aanwijzingen te zien wat gevangenen is aangedaan. Zo is er een grote zaal met kooien langs de muur van nog geen halve meter breed. In weer een andere ruimte hangen stalen buizen waar mensen mogelijk aan werden vastgeketend. Op de grond liggen bosjes afgeschoren haar.

„Overal werd gemarteld”, zegt Ramez, een Syrische man met een volle baard die met een groep vrienden door het gigantische complex dwaalt. De mannen hebben hier naar eigen zeggen zes jaar vastgezeten en willen hun verleden onder ogen komen nu de rebellen Saydnaya bevrijd hebben. „We zijn hier om onze verschrikkelijke herinneringen te overwinnen”, zegt Ramez. „En om de mensen te herdenken die hier zijn vermoord.”

Na de val van Assad, haastten duizenden Syriërs uit heel het land zich naar de Saydnaya-gevangenis, op zoek naar familieleden.

Foto’s Al Baraa Haddad

De martelingen begonnen direct bij aankomst met de zogeheten „marteltrein”, vertelt de Syriër. Hij buigt zich naar voren om uit te beelden wat hij bedoelt. „We moesten de benen van de mensen voor ons vastpakken, een trein vormen en drie uur lang door het hele gebouw lopen terwijl de bewakers op ons insloegen. Ze stopten ons in een autoband en sloegen ons tot we niet meer konden lopen. Daarna gooiden ze ons in de isoleercel, waar je de zon nooit zag.”

‘Achter de zon gaan’, is niet voor niets de Syrische uitdrukking voor iemand die verdwijnt in Assads martelcellen. In totaal gebeurde dat sinds het begin van de Syrische opstand in 2011 met naar schatting 300.000 Syriërs. Saydnaya is slechts één van de honderden locaties waar zij zijn vastgezet, gemarteld en geëxecuteerd, maar het gigantische complex in de bergen ten noorden van Damascus is zonder meer de meest beruchte. Alleen al tussen de jaren 2013 en 2015 zijn in het complex zo’n 13.000 mensen vermoord, aldus Amnesty International.

Video Al Baraa Haddad

Slopende onzekerheid

Doel van de martelmachine was om een hele samenleving angst aan te jagen. De terreur raakte immers niet alleen de gedetineerden zelf. Ook de familieleden, vrienden en kennissen van de zeker 130.000 Syriërs die volgens de VN sinds 2011 vermist zijn geraakt, worden al jaren geteisterd door slopende onzekerheid. Zelfs nu de celdeuren zijn opengebroken, gaat hun martelgang in de meeste gevallen tot op de dag van vandaag door.

„Ik wacht nog steeds op het moment dat op de deur wordt geklopt”, zegt Oumaima Zlekha. De jonge vrouw zit voor de poorten van Saydnaya. Ze heeft een muts over haar witte hoofddoek getrokken en trilt van de kou. In haar handen houdt ze foto’s vast van haar broer Mohammed Amir Zlekha en neef Ayman Bassam Izzi. „Aangehouden bij checkpoints, in 2013 en 2014”, zegt ze. „Sindsdien heb ik nooit meer iets over hen gehoord.”

Zlekha weet niet of haar broer en neef in Saydnaya hebben vastgezeten. Toch snelde ze hier na de bevrijding naartoe omdat ze had gehoord van geheime cellen waar nog gevangenen in vast zouden zitten. „Ik hoop dat we die alsnog vinden en de mensen kunnen vrijlaten”, zegt ze. „Daarom kom ik hier iedere dag.”

Oumaima Zlekha zoekt onder meer haar vermiste broer.
Foto Melvyn Ingleby

Ze is niet de enige. Toen de rebellen op 8 december de sloten van de celdeuren in Saydnaya openschoten, haastten duizenden Syriërs uit heel het land zich naar de gevangenis. Dagenlang speurden ze door gevangenisdocumenten en braken ze muren door, op zoek naar verborgen cellen. Daarover werd op sociale media wild gespeculeerd, maar het bleken slechts geruchten.

Deze zaterdag is de drukte afgenomen, maar de ravage is er niet minder om. In heel het complex zijn celmuren doorgebroken en liggen half verscheurde documenten op de vloer. In de controlekamer van de gevangenis zijn zelfs alle monitorschermen meegenomen. Dat lijkt te zijn gebeurd ná de bevrijding: op een video die vlak erna opdook en waarop rebellen door de kamer lijken te lopen, hangen de schermen er nog.

Verdwenen harde schijven

Direct achter de controlekamer ligt een hok vol opslagapparatuur van het merk Digistor. Hierop werden de camerabeelden waarschijnlijk opgeslagen, maar ook de harde schijven zijn verdwenen. Op tafel in de controlekamer liggen nog wel grote lijsten met de namen van gevangenispersoneel. Het lijkt een kwestie van tijd voor ook die verdwijnen: voor de gevangenispoort houden slechts twee rebellen de wacht. Iedereen wandelt zonder controle het gebouw in en uit.

„Het is een regelrechte ramp”, zegt Jaber Baker, een Syrische onderzoeker die zelf tussen 2002 en 2004 in Saydnaya vastzat en co-auteur is van De Syrische goelag, een studie naar Assads gevangenissensysteem. „Saydnaya is een plaats delict, maar het bewijs wordt voor onze ogen vernietigd.”

Volgens Baker bemoeilijkt dat niet alleen toekomstige strafzaken, maar ook de zoektocht naar vermisten en uiteindelijk de geschiedschrijving. „Alles is bewijs. Het ontwerp van het gebouw, de namen die in de muren zijn gekrast, de achtergelaten kleren of dekens: het vertelt ons allemaal wat op deze plekken gebeurd is.”

In de bevrijde gevangenis kunnen mensen nu in en uit lopen. Overal liggen documenten op de vloer.

Foto’s Al Baraa Haddad

Om die bewijzen systematisch veilig te stellen zijn experts nodig, en die zijn nauwelijks ter plaatse. De VN beschikt weliswaar over een speciaal orgaan dat het lot van de vermisten in Syrië moet onderzoeken, maar heeft nog geen mandaat om het land in te gaan. En lokale organisaties zoals de Syrische Burgerbescherming (beter bekend als ‘de Witte Helmen’) kwamen volgens Jaber pas drie dagen na de bevrijding aan, toen veel materiaal al verdwenen was.

Vanuit Frankrijk kijkt Baker met afgrijzen naar de beelden uit Saydnaya. „Ik ben doodop door deze chaos”, zegt hij. „Ik hang voortdurend aan de telefoon met contacten in Syrië om te proberen materiaal te redden en blijf maar interviews geven om mensen uit te leggen dat er geen geheime cellen zijn. Maar dat willen de familieleden van de vermisten niet horen. Ze klampen zich vast aan alles wat hoop biedt.”

Lees ook
Explosie van emoties in Syrië na Assad. ‘Eindelijk kunnen we vrijuit met elkaar praten’
Syriërs in gebed bij de achtste-eeuwse Omajjadenmoskee in Damascus.

Bezig met feesten

„Niemand helpt ons”, zegt Maryam, een twintigjarige vrouw die samen met haar moeder Manal en haar moeders neef Malek in Saydnaya naar haar vermiste oom zoekt. „Bij de aardbeving van vorig jaar schoot de wereld meteen te hulp, waarom dan nu niet? In de media gaat het alleen maar over de bevrijdingen en iedereen is bezig met feesten, maar wie denkt er aan ons? Wij kunnen niet feesten.”

Maryams oom, Waleed Zain Aldeen, was een strijder in het Vrije Syrische Leger. In 2018 legde hij de wapens neer na een zogeheten ‘verzoeningsakkoord’ met het regime. Het bleek bedrog: zodra hij het checkpoint uit zijn buitenwijk in Damascus overstak, werd hij gearresteerd en meegenomen naar Saydnaya. Zijn tweede kind werd geboren terwijl hij daar vastzat.

De familie zoekt aanwijzingen over Waleeds lot in de documenten die verstrooid over de grond liggen en in video’s op sociale media. In één daarvan beweert een man een lijst te hebben waarop staat wie dood is en wie nog leeft. In een andere video van het moment van de bevrijding denken ze Waleed te herkennen. „Zijn moeder is er zeker van dat het hem is”, zegt Malek terwijl hij een foto van Waleed naast een screenshot uit video houdt. Hij kijkt alsof hij er zelf minder zeker van is. De gelijkenis is er, maar het beeld is korrelig. „Wat we echt nodig hebben zijn de beelden van de beveiligingscamera’s en heldere documenten”, zegt Malek. „Maar die zijn er niet.”

Familieleden van de vermiste Waleed Zain tonen een video waarin hij te zien zou zijn.
Foto Al Baraa Haddad

De familie vermoedt dat het materiaal is gestolen door inwoners van de plaats Saydnaya, even buiten de gelijknamige gevangenis. In dat christelijke pelgrimsoord wonen veel mensen die in of rondom de gevangenis gewerkt hebben. „Zij zien dit als handel”, zegt Malek. „Ze zeggen op sociale media dat ze lijsten met namen hebben en vragen er geld voor.”

Dit gebeurt veel vaker, aldus Annsar Shahhoud, een Syrische onderzoeker die gespecialiseerd is in massageweld in Syrië en de veiligheidsdiensten van Assad. „Deze handel borduurt voort op een al bestaande gevangeniseconomie”, zegt ze telefonisch. „Bewakers en andere insiders verkopen al veel langer, soms valse, informatie aan wanhopige familieleden van gevangenen. Sinds de bevrijdingen is dat toegenomen. Ik heb ook een aanbod gekregen van iemand die het archief van een afdeling van de inlichtingendienst in Damascus wil verkopen.”

Shahhoud was voorheen verbonden aan het NIOD (Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie) en droeg bij aan de onthulling van videobewijzen van het bloedbad van Tadamon, een buitenwijk van Damascus waar het regime in 2013 honderden burgers vermoordde. Net als Jaber Baker volgt ze de bevrijding van Assads martelgevangenissen op de voet en zocht ze contact op met de rebellen in de hoop het proces in goede banen te kunnen leiden.

Grote chaos

In de steden Aleppo en Hama ging dat relatief goed, zeggen zowel Baker als Shahhoud. De rebellen van Hayat Tahrir al-Sham (HTS) die deze steden innamen, zijn volgens hen relatief goed georganiseerd en stonden open voor coördinatie met de academici. Dat gold niet voor de rebellen rondom Damascus en het zuiden van Syrië die als eerste Saydnaya bereikten en daar voor grote chaos zorgden.

In de Saydnaya-gevangenis zijn alleen al tussen 2013 en 2015 13.000 mensen vermoord, aldus Amnesty International.

Foto’s Al Baraa Haddad

Niet alleen het bewijsmateriaal in Saydnaya loopt gevaar, waarschuwt Shahhoud. Die gevangenis krijgt weliswaar de meeste media-aandacht, maar er zijn ook vele afdelingen van Assads veiligheidsdiensten in Damascus waar archieven verbrand of geplunderd worden. „We proberen HTS nu te overtuigen om deze locaties af te schermen”, zegt de academica. „Maar ze reageren veel minder dan voorheen. Ze zeggen dat ze het te druk hebben met mediaverzoeken en internationaal overleg.”

Een collega van Shahhoud vertrekt daarom binnenkort naar Damascus om op HTS in te praten. „We willen dat ze ons helpen met de aanleg van een nationaal archief over massageweld in Syrië”, zegt ze. „Zulke archieven zijn momenteel in handen van internationale organisaties waar Syriërs moeten bedelen voor toegang. Er moet een archief van en voor Syriërs komen.”

Lees ook
Hoe een Arnhemmer verdween in een martelcel van Assad
Hoe een Arnhemmer verdween in een martelcel van Assad

De oprichting van zo’n archief is veel meer dan een academische aangelegenheid, benadrukt Shahhoud. „Juist als HTS een functionerende en stabiele staat wil opbouwen, zouden ze er goed aan doen naar ons te luisteren”, zegt ze. Ter illustratie wijst ze op precedenten in Zuid-Afrika en Oost-Duitsland, waar de oprichting van waarheidscommissies na het apartheidsregime of het openen van de archieven van de Stasi cruciaal bleken voor verzoening en de wederopbouw.

„Of we in de toekomst vrede krijgen, hangt af van onze toegang tot het verleden”, zegt Shahhoud. „Syriërs hebben recht op een onpartijdig narratief over wat er gebeurd is, op basis van documenten. Komt dat er niet, dan leidt dat snel tot miskenning en wraakacties. En dan zit je voor je het weet weer in een nieuwe oorlog.”

Video Al Baraa Haddad
Correctie (27 december 2024 om 19.15 uur): In een eerdere versie van dit artikel stond dat Malek de broer was van Maryam. Hij is de neef van haar moeder Manal. Dat is hierboven aangepast.

Een versie van dit artikel verscheen ook in de krant van 17 december 2024.

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Maximaal 120 woorden a.u.b.
Vul je naam in