Terug naar de krant

Patrick Van Ommeslaeghe: zijn jurken zijn beroemder dan hijzelf

interview

Modeontwerper Patrick Van Ommeslaeghe werkt al bijna zijn hele carrière achter de schermen bij grote modehuizen. „Als ik goed word ingezet, kan ik veel geld voor een merk verdienen.”

Leeslijst

Geen kledingstuk dat Patrick Van Ommeslaeghe (57) zo vaak en met zo veel liefde heeft ontworpen als een jurk. Voor hem is een jurk het ultieme kledingstuk voor vrouwen. „Ik houd van lichtheid in mode, en een jurk heeft altijd iets lichts”, zegt hij. „Je trekt het over je hoofd, je bent klaar. Het beweegt, het is een puur kledingstuk. Een goede jurk is erotisch zonder vulgair te zijn.” En nee, een rok komt voor hem niet in de buurt. „Het idee van een rok vind ik al niks. Ik heb iets tegen dingen met een taille. Ik denk dat dat komt doordat ik altijd een dikke jongen ben geweest. Broekbanden knellen en spannen bij mij.”

Honderden jurken heeft de Belgische ontwerper in zijn ruim dertigjarige carrière gemaakt, vaak met een bijzonder detail aan de achterkant, zoals een rugdecolleté of draperie. „Zodat je denkt, als een vrouw wegloopt: shit, waarom heb ik haar laten vertrekken?”
Sommige van zijn jurken zijn beroemd geworden, zoals een nachtblauwe in Christian Diors New Look-silhouet, met schouderbanden die over de bovenarmen gaan en onder de cups een spannende uitsnede.

Dat weinig mensen zijn naam kennen, komt doordat die niet aan zijn ontwerpen is verbonden. Twee jaar had Van Ommeslaeghe een eigen label, verder werkte hij voor anderen. Als artdirector, designer, assistant, head of design en external consultant werd hij ingeschakeld door modehuizen als Balenciaga, Ann Demeulemeester, Pucci en Dries Van Noten. Sinds begin dit jaar verblijft hij drie weken per maand in Florence voor een Chinees merk dat wordt gefinancierd door twee bekende Europese familiebedrijven, en dat eind van deze maand groot wordt gelanceerd – tot die tijd mag hij er niet over praten.

De eerdergenoemde New Look-jurk ontwierp hij voor Jil Sander, waar hij tussen 2005 en 2013 artdirector was voor alle mode- en accessoireslijnen en de cosmetica, en zelf de flou, ‘lichte’ dameskleding als jurken en blouses, ontwierp.

Ik was zo verlegen dat ze bij Alaïa vroegen: ben jij wel normaal?

De jurk werd destijds, in 2012, gezien als een van de bewijzen dat Raf Simons, de toenmalige creatief directeur van Jil Sander, een goede kandidaat zou zijn voor dezelfde functie bij het veel grotere Christian Dior; er gingen geruchten dat hij met Dior in gesprek zou zijn. Simons kreeg de baan.

Het is in de modewereld niet gebruikelijk individuele bijdragen naar buiten te brengen. „Veel ontwerpers mogen er niet eens over práten”, zegt Van Ommeslaeghe. De meeste modehuizen houden graag het beeld in stand van de hoofdontwerper als creatief genie dat elk stuk uit een collectie zelf bedenkt, al is dat door de grote hoeveelheid collecties en kledingstukken die de meeste merken jaarlijks maken praktisch onmogelijk. Creatief directeuren hebben bovendien vaak ook nog een eigen merk naast hun baan bij een groot modehuis.

Voor Jil Sander
Eigen lijn Patrick Van Ommeslaeghe
Ontwerpen voor Jil Sander en eigen lijn.

Instagram

Dat in beperkte kring toch bekend is dat Van Ommeslaeghe de ontwerper is achter dit en veel andere bekende ontwerpen komt doordat hij, anders dan veel van zijn collega’s, zijn ontwerpen deelt via Facebook en Instagram. „Bij modefoto’s in tijdschriften wordt iedereen genoemd die betrokken was. Het model, de fotograaf, de stylist, de kapper, de visagist, al hun assistenten, de nagelstylist, de locatie, degene die de locatie heeft gevonden. Maar niet de mensen die aan de kleding hebben gewerkt. Ik heb weleens aan Anne Chapelle, toen de directeur van Ann Demeulemeester, gevraagd of ze er bezwaar tegen had dat ik mijn ontwerpen postte. Zij vond dat geen probleem. Ik laat alleen dingen zien die ik van A tot Z heb ontworpen, ik zet er altijd bij voor wíé ik het gemaakt heb. Maar dan nog zijn er mensen die zeggen dat ik dat niet kan maken, dat het niet mijn werk is.” 

Het ruime appartement in Antwerpen, waar Van Ommeslaeghe woont met zijn Franse vriend, ademt zijn liefde voor mode. In een kamer staan rekken vol kleding, in de bibliotheek en de woonkamer aangeklede paspoppen. Hij bewaart werk van zichzelf, maar verzamelt ook ontwerpen van anderen: een gehaakte jurk met franjes van de in 1996 overleden Belgische Ann Saelens, geborduurde Afrikaanse boubous, een monumentale, met zilverkleurige leren draken versierde suède mantel uit de jaren zeventig van de Nederlandse Fong-Leng.

Die liefde kwam relatief laat. Veel modemensen maakten als kind Barbiekleertjes, Van Ommeslaeghe sneed de buik van de Barbie van zijn zusje open – een chirurg in de dop. Drie jaar studeerde hij geneeskunde. Tot hij, na zijn eerste autopsie, een „illuminatie” kreeg: „Ik besefte dat mijn hele leven zieke en dode mensen zou worden. Ik dacht: ik stik hier. Ik wilde kleur, ik wilde avontuur. Ik ben naar mijn ouders gegaan en heb gezegd: ik stop ermee, ik word kunstenaar.” Omdat hij nooit had getekend, moest hij een voorbereidend jaar volgen voordat hij werd toegelaten op de Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen. „Linda Loppa, het hoofd van de modeafdeling, zei tegen mij: jij bent geen schilder of beeldhouwer, je bent modeontwerper.”

Eigen lijn Patrick Van Ommeslaeghe
Voor Jil Sander
Ontwerpen voor eigen lijn en Jil Sander.

Normaal

Na zijn eindexamen, in 1990, begon hij als stylist bij vrouwenblad Flair. Sollicitaties bij Hermès en Azzedine Alaïa draaiden op niets uit. „Ik was zo verlegen dat ze bij Alaïa vroegen: ben jij wel normaal?”

Hij bleef naar Parijse shows gaan en kwam daar in 1993 de Nederlander Josephus Thimister tegen, creatief directeur van Balenciaga, destijds een merk dat weinig voorstelde. Thimister nam hem aan. „We zaten samen op een zolderkamertje, niemand wilde iets met ons te maken hebben.” Na drie jaar vertrok hij, na bemiddeling door Linda Loppa, naar Jean Paul Gaultier. „Afschuwelijk. Iedereen haatte elkaar daar.” Na een jaar stapte hij over naar Adeline André, een inmiddels wat vergeten Franse couturier die hij toevallig op een feestje ontmoette. „Ik was een groot bewonderaar van haar minimalistische stijl. En die vrouw heeft me kleur doen ontdekken. Dan zat ik bijvoorbeeld een bosbessenyoghurtje te eten en zei ze: o, dat lila! En dan liet ze stof verven in precies de tint van de yoghurt. Fantastisch.”

Tot hij werd teruggelokt naar Balenciaga. „Voor een Japanse licentie maakte ik een lijn die ‘black wedding’ heette. Ik dacht aanvankelijk dat het cocktailjurken waren, maar het waren jurken voor begrafenissen. Het zou ongeluk brengen die vaker dan één keer te dragen, dus ze werden gemaakt van goedkoop synthetisch materiaal. Opeens vroeg ik me af: wat ben ik hier aan het doen? Heb ik wel een eigen visie? Als iemand mij vroeg naar mijn favoriete kleur, dan koos ik de lievelingskleur van de ontwerper voor wie ik werkte. Het was de tijd van Tom Ford en de porno-chic. Ik vond dat misogyn en agressief, vies zelfs. Ik dacht: ik begin mijn eigen label en ga een collectie maken over waardigheid en de Vlaamse Primitieven, mijn culturele roots.”

Ik ben misschien niet ambitieus genoeg en niet politiek genoeg

Het modehuis Patrick Van Ommeslaeghe onderscheidde zich direct door de minimalistische, tijdloze, ogenschijnlijk simpele en vriendelijke snit. En door het kleurgebruik – diepe, heldere, tinten, vaak gebruikt in color blocking, een combinatie van effen stoffen in verschillende kleuren. Hij verkocht over de hele wereld, maar trok toch na vier collecties de stekker eruit: om de productie te kunnen financieren, moest hij een lening afsluiten en daar had hij geen zin in.

Na een paar jaar lesgeven en enkele kortstondige betrekkingen kwam hij terecht bij Jil Sander, waar Raf Simons toen net benoemd was. „Hij had zelf een mannenlabel, en had nog nooit een vrouwencollectie gemaakt. Ik bewonderde hem, en hij mij. Het was bingo, ik voelde me on top of the world, ik zat in het centrum van het modegebeuren. Raf vertelde me waardoor hij geïnspireerd was – de vazen van de Franse kunstenaar Pol Chambost bijvoorbeeld – en dan begon ik met het maken van een kleurkaart. Er was een patronenmevrouw, zij was mijn handen. Het eerste wat ze maakte, was altijd lelijk, maar gaandeweg werd het steeds beter. Een collectie maak je door er elke dag te zijn, dan maak je die beslissende momenten mee waarop iets kantelt. Zo krijg je kledingstukken met een ziel.”

De Jil Sander-garderobe van Tilda Swinton in de film Io Sono L’Amore, waarvoor Raf Simons een Oscarnominatie kreeg, werd door Van Ommeslaeghe ontworpen. De opdracht die hij van Simons kreeg voor diens allerlaatste Jil Sander-collectie: doe Dior op z’n Japans. Ondanks het succes van de collecties nam Simons hem niet mee naar Christian Dior. Hij vermoedt dat het te maken heeft met het feit dat hij de laatste twee jaar van hun samenwerking elke avond uitgeput was, niet meer in staat mee te gaan naar etentjes. „Veel mensen namen aan dat het tussen mijn oren zat. Mijn vriend was dat beu en nam me mee naar zijn arts in Parijs. Die stelde vast dat ik MS had. Toen ik het hoorde, barstte ik in lachen uit, zo opgelucht was ik dat ik geen burn-out had.” Omdat hij last heeft van een been, loopt hij moeilijk, en hij is nog steeds vaak moe. „Maar ik heb geen zin om alles op te geven.”

Voor Jil Sander
Voor Jil Sander
Ontwerpen voor Jil Sander.

Kroonprins

Hij was de kroonprins bij Jil Sander, zegt hij. Maar hij kon niet op tegen Jil Sander zelf, die na het vertrek van Simons weer werd binnengehaald. Hij bleef nog een jaar, en vertrok toen zij vertrok. Hij werkte vervolgens mee aan de eerste twee collecties van Jonathan Anderson voor Loewe, een showcollectie voor Acne Studios, een paar collecties van Ann Demeulemeester, en wederom Jil Sander, ditmaal onder Rodolfo Paglialunga en het echtpaar Lucie en Luke Meier.

Niet alle samenwerkingen verliepen goed. „Als ik goed word ingezet, kan ik veel geld voor een merk verdienen”, zegt hij. „Als je me verkeerd gebruikt, gebeurt er niks, dan ontstaat geen schoonheid.” Eens kreeg hij, na onenigheid over de koers, te horen: jij bent een betere ontwerper, maar ik bepaal wat er gebeurt. Aan de andere kant hebben zijn opdrachtgevers hem dingen laten maken waar hij zelf niet op was gekomen. „Raf was er een meester in om me in een richting te duwen die ik zelf niet gekozen zou hebben. Uit mezelf had ik de blauwe New Look-jurk nooit ontworpen.”

Natuurlijk vindt hij het jammer dat hij zelf nooit creatief directeur werd – na zijn periode bij Jil Sander had hij verschillende sollicitaties, maar daar kwam nooit iets uit. „Behalve bij mijn eigen merk heb ik daarom altijd compromissen gesloten Het moet fantastisch zijn om over alles te kunnen beslissen en te zeggen: dit is van mij. Maar ik ben een stille kracht, geen fashion boy die graag in de schijnwerpers staat. Ik ben niet ambitieus genoeg en niet politiek genoeg. En ik heb een perfecte carrière gehad. Ik heb met fantastische ateliers gewerkt, met topfabrieken en met topmodellen.”

Nog één keer, zegt hij, wil hij laten zien wat zijn persoonlijke visie is. „Twintig modellen, mooie muziek, veel drama, alles top. Eén show is genoeg. Tenzij je een mecenas voor me weet, dan doe ik er drie.”

Ontwerp dat Patrick Van Ommeslaeghe maakte voor Jil Sander, in de tijd dat Raf Simons er creatief directeur was
Voor Ann Demeulemeester
Ontwerpen voor Jil Sander en Ann Demeulemeester.

Ontwerp jurken Patrick Van Ommeslaeghe.

Een versie van dit artikel verscheen ook in NRC in de ochtend (archief) van 4 september 2021.

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Maximaal 120 woorden a.u.b.
Vul je naam in