Terug naar de krant

Een maand na de val van Assad wennen Syriërs aan het leven in een nieuw land

In Beeld
Syrië na Assad Na meer dan vijf decennia heerschappij van de Assad-familie en dertien jaar burgeroorlog viel vorige maand het Syrische regime. Voor zowel de rebellen - nu de machthebbers - als voor het Syrische volk breekt een nieuwe tijd aan. Beelden van een land in verandering.
Leeslijst
Foto Sameer Al-Doumy/ AFP
Een groenteverkoper voor een kapotte tank in de stad Homs op 20 december 2024. Homs was een strategisch cruciale stad in de opmars van de rebellen vanuit het noorden van het land richting hoofdstad Damascus. Naast dat Homs functioneert als een soort scharnierpunt tussen het noorden en zuiden van Syrië, verbindt de stad ook Damascus met de Middellandse Zee. Uiteindelijk duurde de slag om Homs slechts enkele uren en stonden de rebellen binnen twee weken in de straten van Damascus.
Foto Sameer Ai-Doumy / AFP
Vlak voor een militaire parade kijken twee jongetjes naar militairen van het nieuwe Syrische overheidsleger, voorheen de rebellen die Bashar al-Assad’s regime omverwierpen. De de-facto nieuwe leider van Syrië Ahmed al-Sharaa doet zijn best de angsten in het land te temperen. Hij belooft inclusief bestuur, verkiezingen (mogelijk pas over vier jaar) en zegt een einde te willen maken aan het geweld en economische malaise in het land.
Foto Leo Correa/AP

Syriërs zoeken naar menselijke resten in een vermeend massagraf in de omgeving van Damascus. Geschat wordt dat meer dan een half miljoen mensen omkwamen tijdens de Syrische burgeroorlog. Het Assad-regime gebruikte moord en terreur om de bevolking onder controle te houden.

Foto’s Aris Messinis / AFP
Mensen in Damascus kijken naar foto’s van vermiste Syriërs. De bevrijding van gevangenissen in het land leidde tot een weerzien met soms lang vermiste familieleden, maar veel Syriërs vonden hun geliefden niet terug. Volgens het Syrisch Observatorium van Mensenrechten stierven er sinds 2011 meer dan 100.000 mensen in de gevangenissen van het Assad-regime.
Foto Leo Correa/AP
Een man telt stapels Syrische ponden nadat hij zijn Amerikaanse dollars heeft ingewisseld bij de Syrische Centrale Bank. Vorige week stelden de nieuwe Syrische leiders Maysaa Sabrine aan als het nieuwe hoofd van de Centrale Bank, de eerste vrouw in die positie. Haar wacht de lastige klus om de Syrische economie er weer bovenop te krijgen. Die kampte de afgelopen jaren met een enorme inflatie: voor het begin van de burgeroorlog in 2011 was 1 Amerikaanse dollar 50 Syrische ponden waard, nu tussen de 12.000 en 15.000 ponden.
Foto Chris McGrath/Getty Images
Twee kinderen rijden op een fiets door een met puin bezaaide straat in de Syrische plaats Madinat al-Salaam, voorheen bekend als Madinat al-Baath, vernoemd naar Assads Baath-partij.  Referenties naar Assad en zijn familie worden in het hele land verwijderd. De stad bevindt zich in de door de Verenigde Naties gemonitorde bufferzone, die de door Israël bezette Golan-Hoogte scheidt van de rest van Syrië. Met de val van het Assad-regime bezette Israël ook de bufferzone, naar eigen zeggen tijdelijk en uit veiligheidsoverwegingen. Ook bombardeerde Israël munitiedepots en militair materieel in Syrië, volgens de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Gideon Saar om te „voorkomen dat ze in handen vallen van extremisten.” Midden-links in beeld is nog net een Israëlische tank zichtbaar.
Foto Aris Messinis/AFP

Links: mannen die zijn gearresteerd op verdenking dat ze deel hebben uitgemaakt van Assads regeringsleger of daaraan gelieerde milities. Rechts sorteert een agent van de nieuwe tijdelijke overheid wapens die zijn ingeleverd door voormalige militairen van het regeringsleger. Het nieuwe leiderschap in Syrië heeft amnestie beloofd aan militairen uit het leger van Assad. Wel vervolgd worden hoge officieren en mensen die zich hebben schuldig hebben gemaakt aan moord en marteling.

Foto’s Leo Correa/AP
Mannen van het voormalige rebellenleger, nu het nieuwe Syrische leger, bidden in Damascus. Syrië kent veel verschillende etnische en religieuze groepen, Syrië’s nieuwe leider Ahmed al-Sharaa benadrukt steevast dat die allemaal een thuis hebben in het „nieuwe Syrië”. Dat staat op gespannen voet met de banden die hij in het verleden had met terreurgroep al-Qaida.
Foto Leo Correa/AP
Syriërs lopen door de bevrijde Saydnaya-gevangenis. De gevangenis, dertig kilometer ten noorden van de hoofdstad Damascus, stond symbool voor de onderdrukking door het Assad-regime. ‘Al-Maslag al-Basharia’ heette de gevangenis in de volksmond, het Menselijk Slachthuis. Assads veiligheidstroepen martelden en vermoordden er duizenden mensen.
Foto Leo Correa/AP
Een van zijn sokkel getrokken metershoge standbeeld van de overleden oud-leider Hafez al-Assad in de stad Deir Atiya. Op 8 december ontvluchtte zijn zoon en opvolger Bashar al-Assad het land naar de Russische hoofdstad Moskou.
Foto Ghaith Alsayed/AP
Een luchtfoto van Qaboun, een buitenwijk van Damascus die tijdens de burgeroorlog is platgebombardeerd. De volkse wijken in het oosten van de hoofdstad vormden jarenlang een bastion voor rebellen.
Foto Omar Haj Kadour / AFP

Mensen eten in drinken in een café in Damascus bij een kerstboom. Elders, in de stad Hama, gingen een dag voor Kerst honderden christenen de straat op nadat twee gemaskerde mannen een grote kerstboom in brand staken. Het incident vergroot de angst bij christenen dat ze onder het nieuwe bewind misschien niet vrij zijn om hun geloof te belijden. Een vertegenwoordiger van de machthebbende rebellengroep HTS verscheen uit solidariteit met een kruis in zijn hand en beloofde de boom te herstellen.
Foto Chris McGrath/Getty Images

Een familie poseert voor hun huis in Damascus, dat tijdens de oorlog is vernield.
Foto Hussein Malla/AP

Mensen vieren in Damascus de eerste jaarwisseling na de val van van het regime. Het bewind van Bashar al-Assad en zijn vader Hafez duurde in totaal 54 jaar.
Foto Mosa’ab Elshamy/AP Photo

Vrouwen roken waterpijpen en genieten van het uitzicht vanaf de Qasioun-berg bij Damascus, de plek waar volgens de overlevering Kaïn Abel zou hebben gedood. Delen van de berg waren sinds het begin van de oorlog in 2011 verboden gebied voor gewone Syriërs.
Foto Leo Correa/AP

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Maximaal 120 woorden a.u.b.
Vul je naam in